Omgevingsvergunning in de praktijk 2020/8232
Hoger beroep in handhavingszaak. Afwijzen van een verzoek tot voeging kan in beginsel niet leiden tot vernietiging van de rechtbankuitspraak.
RvS 25-03-2020, ECLI:NL:RVS:2020:875
- Instantie
Raad van State
- Datum
25 maart 2020
- Magistraten
Mrs. Van der Beek-Gillessen, Hoogvliet en Baldinger
- Zaaknummer
201900173/1/R4
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Omgevingsrecht / Handhaving
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2020:875, Uitspraak, Raad van State, 25‑03‑2020
- Wetingang
Artikel 8:14 Algemene wet bestuursrecht, artikel 2.1 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Essentie
Hoger beroep in handhavingszaak. Afwijzen van een verzoek tot voeging kan in beginsel niet leiden tot vernietiging van de rechtbankuitspraak.
Samenvatting
Inleiding
In deze zaak heeft de eigenaar van een jachthaven van alles gebouwd en aangelegd in een beschermd natuurgebied. Hij heeft dit in strijd met het bestemmingsplan en zonder vergunning gedaan. Het college is gaan handhaven met een last onder dwangsom.
Feiten
Bij besluit van 28 maart 2017 heeft het college appellant (eigenaar van een jachthaven) onder oplegging van een dwangsom gelast om de in het besluit vermelde bouwwerken en materialen op het perceel in Kortenhoef ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.