RVR 2011/54
Ontbinding huurovereenkomst. Is het herhaald laten ontstaan van huurachterstanden bij huur van woonruimte voldoende om ontbinding en ontruiming toegewezen te krijgen, ook al bedraagt de huurachterstand op dat moment minder dan drie maanden? Heeft een woningcorporatie als verhuurder bij een dergelijke vordering een andere positie dan een commerciële verhuurder?
Rb. 's-Hertogenbosch 09-02-2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BP5118
- Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Datum
9 februari 2011
- Magistraten
Mr. T.J.M. Kolfschoten
- Zaaknummer
719250
10-4365
- LJN
BP5118
- JCDI
JCDI:ADS883716:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Algemeen
Huurrecht / Huur van woonruimte
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBSHE:2011:BP5118, Uitspraak, Rechtbank 's-Hertogenbosch, 09‑02‑2011
- Wetingang
Bw art. 7:232 e.v., 6:74, 265 lid 1
Essentie
Wanprestatie. Ontbinding huurovereenkomst. Ontruiming
Is het herhaald laten ontstaan van huurachterstanden bij huur van woonruimte voldoende om ontbinding en ontruiming toegewezen te krijgen, ook al bedraagt de huurachterstand op dat moment minder dan drie maanden? Heeft een woningcorporatie als verhuurder bij een dergelijke vordering een andere positie dan een commerciële verhuurder?
Samenvatting
Verhuurder, een woningcorporatie, vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming door haar huurders van de door haar gehuurde woonruimte. Grondslag van de vordering is een huurachterstand van twee maanden. Na dagvaarding is het achterstallige bedrag betaald, verhoogd met explootkosten, het gemachtigdensalaris en de GBA-informatiekosten.
Verhuurder ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.