Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/2.4:2.4 Conclusie
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/2.4
2.4 Conclusie
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS488395:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ontstaans- en bestaansvoorwaarde voor mandeligheid is de aanwezigheid van een eenvoudige gemeenschap bestaande uit één of meer onroerende zaken.
Eén onroerende zaak of meer onroerende zaken? Uiteindelijk bepaalt de verkeersopvatting of wij moeten spreken over een onroerende zaak of meer onroerende zaken. Daarbij is soms de feitelijke situatie en soms de gepubliceerde wil van de eigenaar(s) doorslaggevend.
Ondanks de bewoordingen van art. 5:60 is het naar mijn oordeel mogelijk om te spreken van één mandeligheid ingeval twee of meer onroerende zaken tot de desbetreffende gemeenschap behoren.
Voor de vraag of al dan niet een mandeligheid met meer zaken bestaat zou ik enkel betekenis willen toekennen aan de inhoud van de rechtshandeling waarbij die mandeligheid in het leven wordt geroepen. De aard van de gemeenschap voorafgaand aan de mandeligheid kan nimmer doorslaggevend zijn voor de beantwoording van de hier gestelde vraag. Zo kan het aldus voorkomen dat twee gemeenschappen die ieder afzonderlijk één zaak omvatten na de totstandkoming van de mandeligheid zullen hebben te gelden als een gemeenschap omvattende twee zaken.
Mandeligheid op grond van de wet kan slechts één zaak omvatten. Dit vloeit voort uit haar aard.
In de visie van de meeste auteurs, en ik sluit mij daar bij aan, is mandeligheid een van de meest gebonden vormen van gemeenschap.