Einde inhoudsopgave
De grenzen van het recht op nakoming (R&P nr. 167) 2008/9.2.3.2
9.2.3.2 Vervanging bij speciesverbintenissen
mr. D. Haas, datum 02-12-2008
- Datum
02-12-2008
- Auteur
mr. D. Haas
- JCDI
JCDI:ADS378781:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Hartkamp & Sieburgh 2008 (6-P), nr. 156.
Zie over herstel en vervanging ook par. 6.4.
Vgl. Ackermann 2002, p. 379-382; Huber 2002, p. 1006; Lorenz & Riehm 2002, nr. 505; en Huber & Faust 2002, hfdst. 13, nr. 20.
Bijv. Jacobs 2003, p. 379-380; Buck 2002, p. 125; en Lorenz & Riehm 2002, nr. 505.
Huber 2002, p. 1006.
Huber 2003, p. 523 vtnt. 9.
Vgl. Debily 2002, nr. 30 p. 44.
Krans 1999, p. 304; Asser/Hijma 2007 (5-1), nr. 384; en Schelhaas 2006, nr. 213. Wat niet wegneemt dat de vordering tot reparatie ook als vorm van schadevergoeding in natura kan worden ingekleed, zie bijv. HR 5 januari 2001, NJ 2001, 79(Multi Vastgoed/Nethou); en Parl. Gesch. Boek 6, p. 365.
Of herstel als nakomingsvorm kan worden gezien, is echter afhankelijk van het type overeenkomst. Indien een verkoper een non-conforme zaak levert of een aannemer een gebrekkig werk tot stand brengt, kan de koper of opdrachtgever uit hoofde van zijn recht op nakoming herstel vorderen (art. 7:21 lid 1 onder b en lid 4 en 5 voor koop; en art. 7:759 lid 2 voor aanneming van werk). Dit geldt echter niet voor een schuldeiser die wordt geconfronteerd met een vervoerder (art. 8:21), of een bewaarnemer (art. 7:600), die zijn verbintenis niet goed nakomt en de te vervoeren resp. de te bewaren zaak beschadigd af- of teruggeeft. De vervoerder en bewaarnemer staan in een minder nauw verband met de zaak die zij de schuldeiser of een derde verschaffen, dan de verkoper of de aannemer. De verwachtingen van de koper en opdrachtgever om een contractsconforme zaak (art. 7:17) te ontvangen, respectievelijk een deugdelijk werk opgeleverd te krijgen (art. 7:750 lid 1), worden m.i. mede gevoed door het feit dat de verkoper en de aannemer de te verkopen of op te leveren zaak doorgaans vanuit hun eigen vermogens overdragen aan de koper of de opdrachtgever. De gehoudenheid een deugdelijke zaak te leveren, is daarmee een aan de (rechts)persoon van de verkoper of aannemer verknochte verplichting. Bij een gebrekkige nakoming hebben de koper of opdrachtgever in beginsel een met die verplichting corresponderend recht op nakoming in de vorm van herstel (of vervanging). De bewaarnemer en de vervoerder zijn daarentegen slechts houders van de zaak die zij (toevallig) vervoeren of bewaren en die aan de schuldeiser of aan een derde toebehoort. Vanwege de distantie tussen de vervoerder en de bewaarnemer met de te vervoeren of de te bewaren zaak zal een schuldeiser die een beschadigde zaak ontvangt als gevolg van een schending van een zorgplicht door de vervoerder of de bewaarnemer enkel herstel als schadevergoeding in natura kunnen vorderen, maar heeft hij geen recht op herstel als nakomingsvorm. Indien een vervoerder of bewaarnemer zijn primaire verplichting schendt om de zaak na bewaring terug te geven of na het vervoer af te geven (niet-nakoming), kan de schuldeiser nakoming vorderen. Bij beschadiging van de zaak doordat een vervoerder of bewaarnemer zijn zorgplicht heeft geschonden (gebrekkige nakoming), heeft de schuldeiser m.i. slechts recht op schadevergoeding. Vgl. Asser/Hartkamp 2004 (4-I), nr. 410, die de vordering tot reparatie van de bewaargever als schadevergoeding in natura kwalificeert. Anders Wéry 1993, nr. 126, p. 170, die reparatie als nakomingsvorm bij een vervoerovereenkomst niet uitsluit.
Laithier beschouwt de vordering tot reparatie van een gebrekkige zaak als een vorm van nakoming, omdat het resultaat van de door de schuldeiser gevorderde gedraging overeenstemt met het beoogde contractsdoel, zie Laithier 2004, nr. 56, p. 81-82; zo ook Debily 2002, nr. 33-35, p. 47-50.
Roujou de Boubée 1974, p. 147, zie in dezelfde zin Civ. 3' 28 februari 1968, Bull. civ. 182, zie hierover ook Wéry 1993, nr. 125-126, p. 168-171.
Asser/Hijma 2007 (54), nr. 397, wijst erop dat: 'de keuze voor vervanging bij de niet-nakoming van de verplichting een geïndividualiseerde genuszaak te leveren de inhoud van de koopovereenkomst van rechtswege bijstelt, in die zin, dat de oorspronkelijke individualisatie wordt ontkracht en de verkoper de bevoegdheid krijgt uit het genus een andere (feitelijk met de eerste overeenstemmende zaak) aan te wijzen. Vanaf die aanwijzing is dan weer sprake van specieskoop, met de nieuw aangewezen zaak als voorwerp.' Dat de schuldeiser vervanging kan vorderen als het leveren van de specieszaak onmogelijk is geworden, neemt niet weg dat de schuldenaar zich tegen de nakomingsvordering kan verweren, bijv. met een beroep op de relatieve onmogelijkheid (130%-richtlijn), vgl. Ball 2004, p. 220 vtnt. 45.
Vgl. Laithier 2004, nr. 64, p. 91-92. Ook Viney denkt in die richting, zie Viney 2001, p. 199-203.
Vgl. Laithier 2004, nr. 61, p. 87.
Laithier 2004, nr. 64, p. 92. Zie bijv. Civ. 3' 9 december 1975, Bull. civ. 363, N° de pourvoi: 74-13118, het Cour de cassation liet het arrest van het Cour d'appèl in stand dat de verkoper in het kader van nakoming had veroordeeld een zuiveringssysteem in het verkochte huis te installeren dat normaal gebruik door de koper mogelijk maakte.
Sudagar Singh v Nazeer [1978] 3 All ER Ch.D. 816, op p. 822.
Zie bijv. BT-Drucks 14-6040, p. 89 en 209, zie ook hierna par. 9.2.3.3.
LG Ellwangen 13 december 2002, NJW 2003, p. 517, zie ook OLG Braunschweig 4 februari 2003, NJW2003, p. 1054.
Medina 2005, p. 67-68.
Een speciesverbintenis is een verbintenis die individueel is bepaald, terwijl een generieke verbintenis naar de soort bepaald is.1 De verplichting een aangewezen zaak te leveren, zoals een tweedehands kast of een bepaalde nieuwe auto uit de showroom, is een speciesverbintenis. De verplichting 500 flessen Chardonay van € 20 per fles, of 200 liter stookolie te leveren is een generieke verbintenis.
Indien de schuldenaar een gebrekkige specieszaak heeft geleverd, of levering daarvan onmogelijk is geworden, rijst de vraag of de schuldeiser in het kader van zijn recht op nakoming een vervangende prestatie kan vorderen.2 Deze vraag doet zich alleen voor bij speciesverbintenissen, omdat de vervangende prestatie in dat geval zal afwijken van de bij overeenkomst geïndividualiseerde prestatie. Bij generieke verbintenissen speelt dit probleem niet, omdat bij het sluiten van de overeenkomst nog geen individualisering heeft plaatsgevonden en dus niet gezegd kan worden dat de vervangende prestatie afwijkt van de overeengekomen prestatie.
Verschillende Duitse auteurs hebben de opvatting verdedigd dat een schuldeiser geen vervangende prestatie kan vorderen, indien de verkoper niet in staat is de specieszaak te leveren of te herstellen.3 De verkoper kan volgens deze auteurs niet worden verplicht een andere dan de overeengekomen zaak te leveren.4 Indien de schuldeiser een prestatie vordert die afwijkt van de overeengekomen prestatie, kan die vordering niet als nakoming worden gekwalificeerd. De schuldeiser zal zijn wens van een vervangende prestatie dan moeten inkleden als vordering tot schadevergoeding in natura. Zelfs bij het niet-leveren van geïndividualiseerde genuszaken, zoals nieuwe zaken in een warenhuis gekocht, is volgens Peter Huber vervanging niet mogelijk:5
Zwar mag es in diesen Fällen (bij de koop van geïndividualiseerde genuszaken, DH) für den [Ver]käufer (möglicherweise) einfacher sein, einem Ersatzlieferungsbegehren nachzukommen, doch rechtfertigt dies nicht, sich über die Parteivereinbarung hinwegzusetzen, die beim Stückkauf ausschließlich auf den konkret individualisierten Kaufgegenstand beschränkt ist.
Ook Ulrich Huber staat afwijzend tegenover de vordering tot vervanging bij de niet-nakoming van een speciesverbintenis:6
Dagegen sollte es keinem Zweifel unterliegen, dass dann wenn beim Spezieskauf die verkaufte Sache selbst mangelhaft ist, ein Anspruch des Käufers auf Ersatzlieferung, also auf Lieferung einer anderen als der Verkauften Sache, nicht in Betracht kommt, ebenso wenig ein Recht des Verkäufers zur Ersatzlieferung, um weiter gehende Sachmängelansprüche abzuwehren. Das gilt nicht nur, wenn der Spezieskauf, wie regelmäßig der Fall ist, sich auf eine nicht vertretbare Sache bezieht, sondern auch, wenn er sich (ausnahmsweise) auf eine vertretbare Sache bezieht (was in der Praxis insbesondere beim Verkauf eingelagerter, schwimmender oder rollender Ware vorkommt). Denn beim Spezieskauf beschränkt die Leistungspflicht des Verkäufers sich von vornherein auf die verkaufte Sache, und jede andere als die verkaufte Sache ist von vornherein untauglich, den vertraglich geschuldeten Zustand herbeizuführen.
Deze opvatting gaat er dus vanuit dat om als nakoming te worden aangemerkt de prestatie die de schuldeiser verlangt exact moet overeenstemmen met de prestatie die de schuldenaar op zich heeft genomen.
Deze enge opvatting miskent dat voor de reikwijdte van het recht op nakoming niet de kwalificatie van een prestatie als species of genus doorslaggevend is, maar dat door uitleg moet komen vast te staan of partijen vervanging al dan niet hebben willen uitsluiten. Een ruimere opvatting van de door nakoming afdwingbare verbintenis verdient dan ook de voorkeur. Volgens deze opvatting dient de rechter door uitleg vast te stellen of de door de schuldeiser gevorderde, of de door de schuldenaar aangeboden, vervangende prestatie als nakoming kan worden aangemerkt. Als vaststaat dat de belangen van beide partijen zich niet tegen een vervangende prestatie verzetten, dan dient vervanging mogelijk te zijn. Er dient evenwel voor te worden gewaakt dat de schuldeiser niet een andere dan de overeengekomen prestatie wordt opgedrongen.
Dat de toegezegde prestatie niet volledig hoeft overeen te stemmen met de prestatie die in het kader van nakoming wordt gevorderd of aangeboden7 blijkt niet alleen uit de nakomingsvorm vervanging, maar ook uit reparatie bij koop (art. 7:21 lid 1 onder b en lid 4 en 5) en bij aanneming van werk (art. 7:659 lid 1). In Nederland wordt reparatie terecht niet als schadevergoeding in natura, maar als nakomingsvorm gezien.8 Herstel is een vorm van nakoming, omdat het resultaat waartoe reparatie leidt de schuldenaar in een vergelijkbare positie brengt als wanneer de schuldenaar direct correct was nagekomen.9 Hoewel de reparatiehandeling verschilt van de verplichting een contractsconforme zaak te leveren, worden beide vorderingen onder de nakoming geschaard.10 Dit is een keuze. In Frankrijk is de opvatting verdedigd dat reparatie als een vorm van schadevergoeding in natura moet worden beschouwd, omdat:11
Un objet réparé n'est pas identique à un objet intact.
Als door uitleg komt vast te staan dat de overeengekomen prestatie vervangbaar is, dient de schuldeiser uit hoofde van zijn recht op nakoming een vervangende prestatie te kunnen vorderen, indien de schuldenaar niet in staat is de overeengekomen specieszaak te leveren of de gebrekkige specieszaak te herstellen.12
Ook Laithier is van mening dat de inhoud van een verbintenis uit overeenkomst een normatieve grootheid is die door middel van uitleg door de rechter wordt vastgesteld.13 De rechter is niet de `bouche de la convention', maar construeert uit het contract de verplichtingen die op de schuldenaar rusten.14 Een veroordeling die afwijkt van de primaire verplichting maar die gegrond is op deze geïnterpreteerde verplichtingen is volgens Laithier een vorm van nakoming en niet van schadevergoeding in natura.15
De Engelse rechter heeft eveneens een zekere vrijheid om de verbintenis te interpreteren die de basis vormt van de veroordeling tot nakoming. Over de verhouding tussen de veroordeling tot nakoming en de oorspronkelijke verbintenis oordeelde Megarry V-C:16
The order of the court is not independent of the contract, but it is the court's order as to how that contract is to be carried out, replacing the mode in which it should have been carried out had no order been made.
Ook in Duitsland is een tendens zichtbaar naar een ruimere bevoegdheid voor de rechter om de verbintenis uit te leggen waarop de veroordeling tot nakoming wordt gegrond.17 Zo overwoog het Landesgericht Ellwangen:18
Das Gericht ist der Ansicht, dass auch im Falle des Stückkaufs die Nacherfüllung durch Ersatzlieferung grundsätzlich möglich ist, sofern es sich um Sachen handelt, die einer vertretbaren Sache wirtschaftlich entsprechen und das Lesitungsinteresse des Käufers zufrieden stellen.
Medina beschrijft een opvatting die uitgaat van een wel erg ruime bevoegdheid voor de rechter om een van de oorspronkelijke verbintenis afwijkende veroordeling tot nakoming te geven:19
According to this view, specific performance does not result in a strict enforcement of contractual obligations it enforces. The court is authorised not only to decline to enforce an obligation, but also to enforce a modified obligation and even to issue an order that modifies the obligations of both porties, including that of the injured, and may order the performance of collateral acts that are not required by the contract's explicit provisions. (...) When the court is called upon to enforce a party to perform, it does not find itself free to disregard the prevailing circumstances at that time. In these senses, the remedy of specific performance is, basically ex-post oriented, in contrast to the remedy of expectation damages, which is ex-ante oriented.
In de volgende paragraaf bespreek ik de gezichtspunten aan de hand waarvan de rechter kan vaststellen of de schuldeiser een recht op nakoming in de zin van vervanging heeft wanneer de schuldenaar zijn verplichting schendt om een deugdelijke specieszaak te leveren. Indien de schuldeiser de vervangende prestatie niet uit hoofde van zijn recht op nakoming kan vorderen, resteert hem slechts de vordering tot schadevergoeding in natura.