JONDR 2019/699
Mogelijke bestuurdersaansprakelijkheidsvordering vormt geen beletsel faillissement op te heffen
Hof 's-Hertogenbosch 23-05-2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:1902
- Instantie
Hof 's-Hertogenbosch
- Datum
23 mei 2019
- Zaaknummer
200.256.114/01
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Bedrijfseconomisch advies (V)
Insolventierecht / Faillissement
Insolventierecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHSHE:2019:1902, Uitspraak, Hof 's-Hertogenbosch, 23‑05‑2019
- Wetingang
Art. 9 Fw, art. 16 Fw, art. 18 Fw, art. 69 Fw, art. 74 Fw, art. 2:10 BW, art. 2:248 BW, art. 2:394 BW
Essentie
Schuldeisers komen in verweer tegen opheffen faillissement omdat er nog een vordering op de bestuurders zou bestaan. Patstelling tussen curator en schuldeisers. Realisatie van eventuele baten onvoldoende gebleken. Onbetaalde boedelschulden en geen vooruitzicht vergoeding hiervan. Afwijzing hoger beroep en bekrachtiging opheffing.
Samenvatting
Ten tijde van het uitspreken van het faillissement van gefailleerde, waren de jaarrekeningen over de jaren 2006, 2008 en de jaren daarna niet gedeponeerd. Het faillissement is opgeheven bij gebrek aan baten. Appellanten kunnen zich hiermee niet verenigen. Zij stellen zich op het standpunt dat er een bestuurdersaansprakelijkheidsvordering is. De vorige curator en de huidige curator ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.