V-N 2025/25.17
Reactie A-G Koopman op HvJ EU-arrest over bestuurdersaansprakelijkheid en melding betalingsonmacht
HR (Parket) 11-04-2025, ECLI:NL:PHR:2025:435, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
11 april 2025
- Zaaknummer
21/03566
- Conclusie
A-G Koopman
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD13503:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Aansprakelijkheid
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2025:435, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 11‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 06‑10‑2023
ECLI:NL:HR:2023:1371, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑10‑2023
- Wetingang
Essentie
A-G Koopman geeft de Hoge Raad in overweging uitdrukkelijk terug te komen van zijn – naar zijn stellige overtuiging onjuiste – oordeel dat de ontvanger geen discretionaire bevoegdheid heeft om af te zien van aansprakelijkstelling als de BV niet of niet tijdig heeft voldaan aan haar meldingsplicht.
Samenvatting
X is via zijn holding indirect bestuurder/enig aandeelhouder van een BV. In 2017 verliest deze BV haar belangrijkste opdrachtgever en raakt zij in financiële moeilijkheden. In maart 2019 neemt een koper de BV over en treedt X af als bestuurder, waarbij wordt bedongen dat de koper alle toekomstige lasten op zich neemt. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.