NJ 2025/305
Martelcontainerzaak. Bewezenverklaring gewoontewitwassen a.b.i. art. 420ter Sr vereist dat sprake is van opzettelijk witwassen a.b.i. art. 420bis Sr.
HR 14-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1516
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, T.B. Trotman, R. Kuiper
- Zaaknummer
23/05005
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD33315:1
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1516, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:767, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑07‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 18‑06‑2024
- Wetingang
Essentie
Martelcontainerzaak. Voor de bewezenverklaring van een op art. 420ter lid 1 Sr toegesneden tenlastelegging is vereist dat de verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzettelijk witwassen als bedoeld in art. 420bis lid 1 Sr. Gewoontewitwassen kan niet worden bewezenverklaard als de bewezenverklaarde gedragingen van verdachte telkens ‘schuldwitwassen’ opleveren. Grondslagverlating.
Samenvatting
Het cassatiemiddel richt zich tegen de bewezenverklaring van het onder 1 tenlastegelegde en de kwalificatie van het onder 1 bewezenverklaarde en klaagt over het oordeel van het hof dat sprake is van het maken van een gewoonte van witwassen.
Voor ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.