NJB 2024/2685
Verzoek tot vergoeding van de kosten voor rechtsbijstand die zijn gemaakt in een art. 552f Sv-beklagprocedure over een bij beschikking opgelegde onttrekking aan het verkeer van voorwerpen: deze specifieke procedure wordt niet genoemd in art. 529 lid 5 Sv, dat ziet op vergoeding van de kosten voor rechtsbijstand in bijzondere procedures. De door de belanghebbende gemaakte kosten voor rechtsbijstand in de art. 552f Sv-procedure komen dus niet op grond van art. 530 lid 2 Sv voor vergoeding in aanmerking. De Hoge Raad verwijst naar conclusie A-G.
HR 03-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1766
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 december 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, Y. Buruma, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/04066 B
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1766, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1006, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 01‑10‑2024
- Wetingang
Essentie
Verzoek tot vergoeding van de kosten voor rechtsbijstand die zijn gemaakt in een art. 552f Sv-beklagprocedure over een bij beschikking opgelegde onttrekking aan het verkeer van voorwerpen: deze specifieke procedure wordt niet genoemd in art. 529 lid 5 Sv, dat ziet op vergoeding van de kosten voor rechtsbijstand in bijzondere procedures. De door de belanghebbende gemaakte kosten voor rechtsbijstand in de art. 552f Sv-procedure komen dus niet op grond van art. 530 lid 2 Sv voor vergoeding in aanmerking. De Hoge Raad verwijst naar conclusie A-G.
Uitspraak
Inleiding
Door een belanghebbende ingesteld beroep in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.