NJ 1927, p. 1213
Aanbod van getuigenbewijs ten onrechte gepasseerd.
HR 10-06-1927, ECLI:NL:HR:1927:276
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 juni 1927
- Magistraten
Mrs. Bosch, v. d. Dries, Schepel, van Gelein Vitringa, Polak.
- Zaaknummer
[10061927/NJ_1927,_p._1213]
- Conclusie
Mr. Noyon
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1927:276, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑06‑1927
- Wetingang
(Rv art. 199.)
Essentie
Aanbod van getuigenbewijs ten onrechte gepasseerd.
Samenvatting
Het staat den rechter niet vrij om, vooruitloopende op den uitslag der bewijsvoering, op grond van de. onwaarschijnlijkheid eener bewering, het aanbod tot bewijs daarvan te passeeren. [Conel. Proc.-Gen.: de Rechte. heeft blijkbaar de bewering van gedaagde als niet ter zake dienende beschouwd.]
Aan de formuleering van het bij art. 199 Rv. vermeld verzoek, hetwelk ook bij ingevolge artt. 140 volgg. Rv. te nemen conclusien kan geschieden, stelt de wet geen eischen.
Partij(en)
L. J. de Kok, koopman, wonende te Loosduinen, gemeente ‘s-Gravenhage, eischer tot cassatie van het op 16 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.