V-N 2025/2.4
Hoge Raad verschaft duidelijkheid over berekening waardestijging tweede woning
HR 20-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1788, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 december 2024
- Magistraten
Feteris, Boerlage, Cools, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
24/00572
24/00573
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS994894:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
Waardering onroerende zaken (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1788, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑12‑2024
ECLI:NL:HR:2024:1879, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:916, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 06‑09‑2024
- Wetingang
art. 5.2 Wet IB 2001
Essentie
De Hoge Raad oordeelt, onder verwijzing naar de conclusie van de A-G, dat voor de berekening van de waardestijging de WOZ-waarden voor de jaren 2019 en 2020 van belang zijn. Hierdoor wordt dan in feite rekening gehouden met de waardestijging in 2018.
Samenvatting
Hof Den Haag oordeelt in de box 3-procedures over het jaar 2019 van X en Y, die over een tweede woning beschikken, dat bij het verlenen van compensatie weliswaar rekening moet worden gehouden met het werkelijk behaalde rendement, maar dat geen rekening wordt gehouden met de (eventuele) waardestijging van de tweede woning. Het hof overweegt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.