Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
Einde inhoudsopgave
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/3.1:3.1 Inleiding
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/3.1
3.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. dr. G.C. van der Burgt, datum 29-11-2021
- Datum
29-11-2021
- Auteur
Mr. dr. G.C. van der Burgt
- JCDI
JCDI:ADS491436:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
In onderdeel 1.2 is aangegeven wat wordt verstaan onder ‘splitsingsregels in de vennootschapsbelasting’.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk wordt de kern van de huidige splitsingsregels in de vennootschapsbelasting beschreven.1 Eerst wordt stilgestaan bij de regels voor de splitsingspartners. Dit zijn de splitsende rechtspersoon en de verkrijgende rechtspersonen (onderdeel 3.2). Daarna gaat de aandacht uit naar de regels voor de aandeelhouders, leden, schuldeisers, winstbewijshouders en optiehouders van de splitsende rechtspersoon (onderdeel 3.3). Bij dit laatste ligt de focus op lichamen die in deze hoedanigheden betrokken zijn bij een splitsing. Dit onderzoek is immers gericht op de splitsingsregels voor lichamen. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een korte samenvatting (onderdeel 3.4).