V-N 2016/16.1.1
Fors lagere boete voor handelaar in cocaïne
HR 26-02-2016, ECLI:NL:HR:2016:321
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26 februari 2016
- Zaaknummer
15/04205
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Bewijs
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:321, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑02‑2016
- Wetingang
Essentie
Hof Amsterdam oordeelt in hoger beroep dat de inspecteur als grondslag voor de boete ten onrechte is uitgegaan van de omzet. Feiten en omstandigheden waaruit volgt dat het (voorwaardelijk) opzet van de heer X was gericht op het ontgaan van belasting over de omzet voor zover deze de winst te boven gaat, heeft de inspecteur namelijk niet gesteld. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).
Samenvatting
De heer X is veroordeeld wegens de handel in cocaïne. Naar aanleiding van het opsporings- en ontnemingsonderzoek is een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.