Belastingblad 2017/34
Rioolheffing. Objectafbakening volgens Wet WOZ. Partijen verschillen van mening over de vraag of het terrein dat is bestemd voor verblijfsrecreatie ‘als zodanig wordt geëxploiteerd’
HR (A-G) 08-12-2016, ECLI:NL:PHR:2016:1255
- Instantie
Hoge Raad (Advocaat-Generaal)
- Datum
8 december 2016
- Zaaknummer
16/02411
- Conclusie
A-G IJzerman
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingen van lagere overheden / Gemeentelijke belastingen
Waardering onroerende zaken (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2017:262, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑02‑2017
Beroepschrift, Hoge Raad, 08‑12‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:1255, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑12‑2016
Essentie
Rioolheffing. Objectafbakening volgens Wet WOZ. Partijen verschillen van mening over de vraag of het terrein dat is bestemd voor verblijfsrecreatie ‘als zodanig wordt geëxploiteerd’
Uitspraak
Belanghebbende is eigenaar van een bungalowpark, omvattende een groot perceel grond, de daarop aangelegde infrastructuur en de daarop gebouwde eigendommen, waaronder 181 recreatiewoningen, een ontvangstgebouw, een taveerne, een spartelbad en een tennisveld.
De Heffingsambtenaar heeft aan belanghebbende, als riool-eigenaar, voor het jaar 2013, vervat in één geschrift, 181 aanslagen in de rioolheffing opgelegd op grond van de Verordening op de heffing en invordering van de rioolheffing 2013, ad € 212 per aanslag.
In geschil ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.