Vertrouwen voorop
Einde inhoudsopgave
Vertrouwen voorop (IVOR nr. 114) 2019/1.3:1.3 Slotopmerkingen
Vertrouwen voorop (IVOR nr. 114) 2019/1.3
1.3 Slotopmerkingen
Documentgegevens:
E.V.A. Eijkelenboom, datum 01-05-2019
- Datum
01-05-2019
- Auteur
E.V.A. Eijkelenboom
- JCDI
JCDI:ADS612268:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De evaluatie van de Wet toezicht accountantsorganisaties (‘Wta’), getiteld ‘Bouwen aan vertrouwen’1 vormt een belangrijk startpunt waarop ik voortbouw in mijn promotieonderzoek. Maar ook andere delen van dit promotieonderzoek bouwen voort op eerdere publicaties van mijn hand. Ideeën en gedachten die voortkomen uit mijn eerdere publicaties zijn vervlochten in het gehele proefschrift maar met name de paragrafen 5.2, 6.4 en 6.5 zijn hierop geënt. Voor de volledigheid is bij deze paragrafen ook een verwijzing opgenomen.
Als jurist, niet zijnde accountant, is het een uitdaging om onderzoek te doen naar een juridisch onderwerp dat zo nauw verweven is met een professie waar ik slechts toeschouwer van ben. Ervaring heeft mij geleerd dat juristen en accountants soms een verschillende taal spreken wat tot spraakverwarringen kan leiden. Om het risico op spraakverwarringen te verkleinen merk ik hierbij op dat ik in mijn proefschrift zoveel mogelijk aansluit bij uit de wet voortvloeiende terminologie. Ik spreek dus van accountantsverklaring (art. 2:393 lid 5 BW) en niet van controleverklaring zoals voor accountants gebruikelijk is op grond van de NV COS. Indien in de wet een term ontbreekt, sluit ik aan bij de terminologie uit de door de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisaties van Accountants (‘NBA’) opgestelde verordeningen of nadere voorschriften.2
Als in dit onderzoek wordt verwezen naar een artikel uit de Wta, dan wordt verwezen naar de Wta zoals deze gold op 1 juli 2018. Bij een verwijzing naar een eerdere versie van het wetsartikel heb ik dat expliciet vermeld.
Dit onderzoek naar kwaliteitsbevorderende wetgeving is uitsluitend gebaseerd op publiek beschikbare informatie. De beschrijvingen in dit proefschrift kunnen en zullen naar verwachting (gedeeltelijk) afwijken van de praktijk. Voor een nadere toelichting op deze en andere methodologische beperkingen verwijs ik naar paragraaf 3.4.
Het onderzoek is afgesloten op 1 juli 2018. Op een enkele uitzondering na heb ik geen rekening gehouden met (concept)wetgeving, jurisprudentie en literatuur die dateert van na die datum.