NJB 2011, 139
Temporele werking van Handvest van de grondrechten van de Europese Unie
RvS 01-12-2010, ECLI:NL:RVS:2010:BP2936
- Instantie
Raad van State
- Datum
1 december 2010
- Magistraten
Mrs. Lubberdink, Severster en Borman
- Zaaknummer
201003052/1/V3
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
EU-recht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2010:BP2936, Uitspraak, Raad van State, 01‑12‑2010
- Wetingang
EVRM art. 8; VEU art. 6 lid 1; Handvest art. 7
Essentie
Temporele werking van Handvest van de grondrechten van de Europese Unie
Samenvatting
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van de vreemdeling tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage, nevenzittingsplaats Haarlem, van 11 maart 2010 in zaak nr. 09/35411 in het geding tussen de vreemdeling en de staatssecretaris van Justitie.
Uitspraak
Procesverloop
Bij besluit van 10 juni 2009 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. Bij besluit van 28 september 2009 heeft de staatssecretaris ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.