NJF 2009, 355
Verjaring. Verjaringstermijn executie vonnis; onderscheid hoofdsom en (wettelijke) rente.
Rb. Rotterdam 15-04-2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BI1674
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
15 april 2009
- Magistraten
Mr. M. Fiege
- Zaaknummer
304172 / HA ZA 08-851
- LJN
BI1674
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Ruimtelijk bestuursrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBROT:2009:BI1674, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 15‑04‑2009
- Wetingang
BW art. 3:324
Essentie
Verjaring. Verjaringstermijn executie vonnis; onderscheid hoofdsom en (wettelijke) rente.
Samenvatting
Eiser is in 1995 veroordeeld tot terugbetaling aan bank van geleend geld, inclusief rente tot aan de dag der voldoening. Vonnis is in 1995 betekend. In 2007 wordt executoriaal beslag gelegd. Eiser vordert verklaring voor recht dat vordering van bank is verjaard. Rechtbank oordeelt dat op de betaling van de hoofdsom een verjaringstermijn van 20 jaar van toepassing is. Op de betaling van rente is evenwel de uitzondering van art. 3:324 lid 3 BW van toepassing. Verschuldigde rente is bij het jaar of korter verschuldigd en daarom ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.