AB 2016/2
Het uitblijven van een beslissing op het verzoek kan in dit geval niet leiden tot verbeurte van dwangsommen.
RvS 16-09-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2884, m.nt. L.M. Koenraad
- Instantie
Raad van State
- Datum
16 september 2015
- Magistraten
Mrs. P.J.J. van Buuren, J.J. van Eck, D.J.C. van den Broek
- Zaaknummer
201500218/1/A2
- Noot
L.M. Koenraad
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS922442:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2015:2884, Uitspraak, Raad van State, 16‑09‑2015
- Wetingang
Essentie
Een verzoek dat niet als een aanvraag in de zin van art. 1:3 lid 3 Awb kan worden aangemerkt, leidt niet tot een beslissing die als een beschikking in de zin van art. 1:3 lid 2 Awb valt te kwalificeren en evenmin tot verbeurte van dwangsommen door het bestuursorgaan.
Samenvatting
De rechtbank heeft de brief van appellant van 21 januari 2014 terecht gekwalificeerd als een verzoek aan de minister om een betaalbare familierechtadvocaat aan te wijzen. De brief bevat daarmee geen aanvraag in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Awb, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.