AB 2016/380
Verblijfsverbod dealers. Reikwijdte van de voor een “verblijfsverbod dealers” vereiste “antecedenten” op het gebied van handel in drugs of daarop gelijkende waar.
HR 28-06-2016, ECLI:NL:HR:2016:1327, m.nt. J.G. Brouwer en A.E. Schilder
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 juni 2016
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, Y. Buruma, A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
15/01375
- Noot
J.G. Brouwer en A.E. Schilder
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS924655:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Openbare orde
Staatsrecht / Decentralisatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:1327, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑06‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:539, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑04‑2016
- Wetingang
Art. 2.9A lid 1 APV Amsterdam 2008
Essentie
Verblijfsverbod dealers. Reikwijdte van de voor een “verblijfsverbod dealers” vereiste “antecedenten” op het gebied van handel in drugs of daarop gelijkende waar.
Samenvatting
Verblijfsverbod dealers, art. 2.9A lid 1, APV Amsterdam 2008. Reikwijdte van de voor een ‘verblijfsverbod dealers’ vereiste ‘antecedenten’ op het gebied van handel in drugs of daarop gelijkende waar. De opvatting dat een bevel a.b.i. art. 2.9A lid 1, APV Amsterdam 2008 slechts kan worden gegeven indien sprake is van meer dan één antecedent op het gebied van het verkopen of te koop aanbieden van drugs of daarop gelijkende waar, is onjuist. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.