Einde inhoudsopgave
RvdW 2011/1098
Mevrouw Köpke werkt sinds 1991 als winkelbediende en caissière in een Duitse supermarkt. In 2002 verdenkt haar werkgever haar van geknoei met de boekhouding van de drankafdeling en schakelt een bedrijfsrechercheur in.
EHRM 05-10-2010, ECLI:CE:ECHR:2010:1005DEC000042007 (Köpke/Duitsland)
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
5 oktober 2010
- Magistraten
Peer Lorenzen, Renate Jaeger, Karel Jungwiert, Mark Villiger, Mirjana Lazarova Trajkovska, Zdravka Kalaydjieva, Ganna Yudkivska
- Zaaknummer
420/07
- LJN
BP3541
- Roepnaam
Köpke/Duitsland
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2010:1005DEC000042007, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 05‑10‑2010
- Wetingang
EVRM art. 8
Essentie
Köpke tegen Duitsland.
Mevrouw Köpke werkt sinds 1991 als winkelbediende en caissière in een Duitse supermarkt. In 2002 verdenkt haar werkgever haar van geknoei met de boekhouding van de drankafdeling en schakelt een bedrijfsrechercheur in.
Köpke wordt zonder haar medeweten tijdens haar werk gefilmd. De daarmee verkregen video-opnamen worden bekeken en verwerkt door verschillende medewerkers van de bedrijfsrecherche. De opnamen worden bovendien gebruikt in de openbare gerechtelijke procedures over haar ontslag. Het EHRM oordeelt dat hierdoor het privéleven van Köpke is geraakt. Onderzocht moet worden of de Duitse rechter een eerlijke afweging heeft gemaakt tussen het recht op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.