JWB 2016/171
Personen- en familierecht, Huwelijksvermogensrecht, Verdeling huwelijksvermogensrecht
HR 22-04-2016, ECLI:NL:HR:2016:723
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
22 april 2016
- Zaaknummer
15/02195
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:723, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 22‑04‑2016
ECLI:NL:PHR:2015:2478, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18‑12‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑07‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑05‑2015
- Wetingang
Art.1:80b BW, Artikel 1:100 BW
Essentie
Personen- en familierecht, Huwelijksvermogensrecht, Verdeling huwelijksvermogensrecht
Samenvatting
Casus
Partijen zijn in 1999 een geregistreerd partnerschap aangegaan. Sindsdien bestond tussen hen een gemeenschap van goederen. De man heeft op 20 september 2011 de rechtbank onder meer verzocht het geregistreerd partnerschap te ontbinden. De rechtbank heeft dit verzoek toegewezen.
Het geregistreerd partnerschap is op 24 januari 2013 ontbonden door inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand. De man heeft krachtens een overeenkomst van 29 juli 2011 van zijn vader gelden geleend voor de voldoening van de advocaatkosten aan zijn zijde. Tot 24 januari 2013 bedroeg de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.