V-N Vandaag 2025/661
Hogere proceskostenvergoeding voor BPM-zaken (art. 81 Wet RO)
HR 28-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:474
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 maart 2025
- Zaaknummer
23/02635
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Belastingheffing van motorrijtuigen / Belasting van personenauto's en motorrijwielen
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:474, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑03‑2025
- Wetingang
Essentie
Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat X BV alsnog recht heeft op een hogere proceskostenvergoeding met een waarde per punt van € 837 in plaats van het lage forfait van € 534. De door de rechtbank toegepaste wegingsfactor van 0,5 is ook te laag, omdat inmiddels vast staat dat de voldane BPM te hoog is. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).
Samenvatting
X BV doet twee BPM-maandaangiften voor in totaal twaalf auto's. Volgens Rechtbank Noord-Nederland zijn de voldoeningen niet te hoog. Wegens het overschrijden van de redelijke termijn krijgt X BV wel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.