Einde inhoudsopgave
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/1.4.2.4.2
1.4.2.4.2 Het bestuursverslag
mr. J.E. Brink-van der Meer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.E. Brink-van der Meer
- JCDI
JCDI:ADS304081:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Juridische beroepen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Waarop titel 9 boek 2 BW van toepassing is.
Oosterhoff & Joling (2008 I), p. 78.
Deze opsomming is niet uitputtend voor zover het bijzondere vennootschappen betreft, zoals beursgenoteerde ondernemingen, structuurvennootschappen en beleggingsinstellingen. Zie voor een uitvoerige bespreking: Beckman (2013), p. 496 e.v.
Alle vennootschappen met statutaire zetel in Nederland waarvan de aandelen of certificaten van aandelen zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt of een daarmee vergelijkbaar systeem en alle grote vennootschappen met statutaire zetel in Nederland (> € 500 miljoen balanswaarde) waarvan de aandelen of certificaten zijn toegelaten tot de handel op een multilaterale handelsfaciliteit of een daarmee vergelijkbaar systeem. Bron: Nederlandse Corporate Governance Code 2016, preambule, reikwijdte.
Besluit openbaar overnamebod.
De Nederlandse Corporate Governance Code 2016 en het Besluit artikel 10 Overnamerichtlijn zijn van toepassing op beursgenoteerde ondernemingen (zie voetnoot 150). Het Besluit bekendmaking diversiteitsbeleid is van toepassing op grote beursvennootschappen (een vennootschap waarvan effecten zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht en die op twee opeenvolgende balansdata, zonder onderbreking nadien op twee opeenvolgende balansdata, niet heeft voldaan aan ten minste twee van de vereisten, bedoeld in artikel 397 lid 1 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, aldus artikel 1 lid 4 Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften omtrent de inhoud van het jaarverslag). Het Besluit bekendmaking niet financiële informatie is van toepassing op grote OOB’s (het gemiddeld aantal werknemers van de rechtspersoon over het boekjaar bedraagt meer dan 500 en de rechtspersoon heeft op twee opeenvolgende balansdata, zonder onderbreking nadien op twee opeenvolgende balansdata, niet voldaan aan ten minste een van de vereisten, bedoeld in artikel 397 lid 1, onderdelen a en b, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, aldus artikel 1 Besluit bekendmaking niet financiële informatie).
Oosterhoff & Joling (2008 I), p. 78.
De externe accountant dient te onderzoeken of het bestuursverslag overeenkomstig titel 9 Boek 2 BW is opgesteld en met de jaarrekening verenigbaar is. Voorts dient de externe accountant vast te stellen of het bestuursverslag in het licht van de tijdens het onderzoek van de jaarrekening verkregen kennis en begrip omtrent de rechtspersoon en zijn omgeving materiële onjuistheden bevat (artikel 2:393 lid 3 BW).
Het bestuursverslag maakt onderdeel uit van de door rechtspersonen1 jaarlijks te publiceren financiële verslaggeving. Het bestuur legt met het bestuursverslag in geschrift verantwoording af van het door de rechtspersoon gevoerde beleid en blikt vooruit. Indien er een raad van commissarissen is, ligt het voor de hand dat deze ook verslag doet van de wijze waarop hij toezicht heeft gehouden en zijn overige taken heeft vervuld.
Indien sprake is van een beursgenoteerde vennootschap is de raad van commissarissen hiertoe gehouden op grond van de Nederlandse Corporate Governance Code 2016. Dit volgt onder andere uit best-practice 1.1.3 Rol raad van commissarissen, 1.3.6 Ontbreken interne audit dienst, 2.1.2 Personalia en 2.1.10 Verantwoording onafhankelijkheid commissarissen.
Het bestuursverslag dient een getrouw beeld te geven van (i) de toestand op de balansdatum, (ii) de ontwikkeling gedurende het boekjaar en (iii) de resultaten van de rechtspersoon (en van de groepsmaatschappijen waarvan de financiële gegevens in zijn jaarrekening zijn opgenomen). Het bestuursverslag bevat een evenwichtige en volledige analyse van (i), (ii) en (iii), een en ander in overeenstemming met de omvang en de complexiteit van de rechtspersoon en groepsmaatschappijen (artikel 2:391 lid 1 BW).
Indien noodzakelijk voor een goed begrip van voornoemde posten of de positie van de rechtspersoon (en groepsmaatschappijen) omvat de analyse zowel financiële als niet-financiële prestatie-indicatoren, met inbegrip van milieu- en personeelsaangelegenheden. Tot slot dient het bestuursverslag een beschrijving te geven van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de rechtspersoon wordt geconfronteerd (artikel 2:391 lid 1 BW).
Artikel 2:391 lid 2 BW: ‘In het bestuursverslag worden mededelingen gedaan omtrent de verwachte gang van zaken; daarbij wordt, voor zover gewichtige belangen zich hiertegen niet verzetten, in het bijzonder aandacht besteed aan de investeringen, de financiering en de personeelsbezetting en aan de omstandigheden waarvan de ontwikkeling van de omzet en van de rentabiliteit afhankelijk is. Mededelingen worden gedaan omtrent de werkzaamheden op het gebied van onderzoek en ontwikkeling. Vermeld wordt hoe bijzondere gebeurtenissen waarmee in de jaarrekening geen rekening behoeft te worden gehouden, de verwachtingen hebben beïnvloed. De naamloze vennootschap waarop artikel 383b van toepassing is, doet voorts mededeling van het beleid van de vennootschap aangaande de bezoldiging van haar bestuurders en commissarissen en de wijze waarop dit beleid in het verslagjaar in de praktijk is gebracht’.
De opzet van artikel 2:391 BW is principle-based. Het artikel noemt de in het bestuursverslag te bespreken onderwerpen, maar niet de precieze inhoud.2 Het bestuursverslag dient tot een beter begrip van de jaarrekening. Het bestuursverslag en de jaarrekening zijn complementaire onderdelen van de financiële verslaggeving. De inhoud van beide stukken moet met elkaar in overeenstemming, althans niet-strijdig, zijn (artikel 2:391 lid 4 BW).
In het bestuursverslag dient ten minste de volgende informatie te worden opgenomen:3
Algemene informatie (RJ 400.108)
Financiële informatie (RJ 400.109)
Informatie over voornaamste risico‘s en onzekerheden (RJ 400.110a)
Informatie over de risicobereidheid (RJ 400.110c)
Informatie over financiële instrumenten (RJ 400.111)
Toepassing van gedragscodes (RJ 400.112)
Bezoldiging bestuurders en commissarissen (artikel 2:391 lid 2 BW)
Informatie over maatschappelijke verantwoord ondernemen (RJ 400.113)
Informatie over onderzoek en ontwikkeling (RJ 400.123)
Bijzondere gebeurtenissen (RJ 160.407)
Overige informatie (RJ 400.128)
Toekomstparagraaf (RJ 400.130)
Indien sprake is van een beursgenoteerde onderneming,4 dient in het bestuursverslag te worden vermeld of de Nederlandse Corporate Governance Code wordt nageleefd, en zo niet, een gemotiveerde opgave van de niet-naleving van die bepalingen (de verklaring inzake corporate governance, artikel 2:391 lid 5 BW en RJ 400.202). De accountant dient na te gaan of de verklaring inzake corporate governance overeenkomstig het Besluit inhoud bestuursverslag is opgesteld en met de jaarrekening verenigbaar is. Voorts dient de accountant te onderzoeken of de verklaring inzake corporate governance materiële onjuistheden bevat in het licht van de tijdens het onderzoek van de jaarrekening verkregen kennis en begrip omtrent de rechtspersoon en zijn omgeving (artikel 3c Besluit inhoud jaarverslag).
Uit de Nederlandse Corporate Governance Code 2016, het Besluit artikel 10 Overnamerichtlijn,5 het Besluit bekendmaking niet financiële informatie en het Besluit bekendmaking diversiteitsbeleid volgen tevens verplichtingen voor bepaalde bedrijven6 om informatie in het bestuursverslag op te nemen.7 Voorbeelden van dergelijke informatie zijn: (i) Een toelichting op de visie van het bestuur op lange termijn waardecreatie en op de strategie ter realisatie daarvan en op welke wijze in het afgelopen boekjaar daaraan is bijgedragen (NCGC 2016, best practice bepaling 1.1.4); (ii) Verantwoording van het bestuur over onder anderen de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen over het afgelopen boekjaar (NCGC 2016, best practice bepaling 1.4.2); (iii) Het bedrijfsmodel van de rechtspersoon en het beleid, waaronder de toegepaste zorgvuldigheidsprocedures, alsmede de resultaten van dit beleid, ten aanzien van: a. milieu-, sociale en personeelsaangelegenheden, b. eerbiediging van mensenrechten, en c. bestrijding van corruptie en omkoping (artikel 3 Besluit bekendmaking niet financiële informatie); (iv) Het diversiteitsbeleid met betrekking tot de samenstelling van het bestuur en de raad van commissarissen (Besluit bekendmaking diversiteitsbeleid). De accountant dient de niet financiële verklaring op dezelfde wijze in zijn onderzoek te betrekken als de verklaring inzake corporate governance. Tot slot verplicht het besluit rapportage van betalingen aan overheden bepaalde rechtspersonen om jaarlijks een verslag op te maken van betalingen aan overheden (artikel 2:392a BW).