V-N 2021/39.19.3
Boete van € 250 passend voor niet-tijdige indiening VPB-aangifte 2016
HR 17-09-2021, ECLI:NL:HR:2021:1292
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 september 2021
- Zaaknummer
20/02619
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1292, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑09‑2021
- Wetingang
art. 67a AWR
Essentie
Hof Den Haag oordeelt dat een boete van € 250 passend en geboden is. Dat door verliesverrekening geen VPB is verschuldigd, is niet van belang. De aangifte is namelijk ook nodig om de verrekenbare verliezen te kunnen vaststellen. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Samenvatting
Omdat X nv haar VPB-aangifte 2016 niet tijdig indient, legt de inspecteur, na X nv te hebben aangemaand op 28 juli 2018, ambtshalve een VPB-aanslag 2016 op met een een boete van € 2639 (50%). Na het bezwaar van X nv vermindert de inspecteur de boete naar € 250. X nv is het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.