Einde inhoudsopgave
Toepassing en rechtskarakter van de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW (VDHI nr. 171) 2022/2.2
2.2 Doel jaarrekening en bestuursverslag: informeren van belanghebbenden
mr. dr. J. van der Kraan, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
mr. dr. J. van der Kraan
- JCDI
JCDI:ADS648869:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Een unaniem besluit is vereist. Wanneer een aandeelhouder niet meewerkt, kan de toepassing van de vrijstellingsregeling worden belet.
Artikel 2:403 lid 1 sub b.
Zie voor een overzicht bijvoorbeeld Ter Hoeven e.a. 2017, par. 2.2 Belanghebbenden bij de jaarrekening.
Werknemers van een vrijgestelde vennootschap kunnen dan ook zonder meer een beroep doen op de 403-verklaring die ter compensatie voor het gebrek aan inzicht wordt afgegeven. Op basis van de 403-verklaring kan de consoliderende rechtspersoon worden aangesproken voor de verplichtingen die uit de arbeidsovereenkomsten voortvloeien. Zie bijvoorbeeld Hof Den Bosch 7 april 2009, JOR 2009/160; Hof Amsterdam 26 juli 2001, JOR 2004/94; Rb. Amsterdam 20 december 2000, JOR 2001/53 (Ekelmans c.s./Tevema).
In het kader van de vrijstelling op grond van artikel 2:403 BW zij opgemerkt dat de fiscus weinig heeft aan een 403-verklaring wanneer een vrijgestelde vennootschap de door haar verschuldigde belastingen niet betaalt. Belastingen zijn verplichtingen die voortvloeien uit de wet en worden in het kader van artikel 2:403 niet aangemerkt als schulden voortvloeiend uit door de vrijgestelde vennootschap verrichte rechtshandelingen. Om die reden vallen deze schulden niet onder de materiële reikwijdte van een 403-verklaring. Dit vloeit voort uit de wet, artikel 2:403 lid 1 sub f BW. Zie o.a. ook Niels 2010, par. 4.3.
Op 22 oktober 2014 is Richtlijn 2014/95/EU tot wijziging van Richtlijn 2013/34/EU met betrekking tot de bekendmaking van niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde grote ondernemingen en groepen aangenomen. Deze richtlijn ziet op de verplichting voor grotere ondernemingen om bepaalde niet-financiële informatie te publiceren. De implementatie in de Nederlandse wetgeving is uitgevoerd bij Wet van 28 september 2016, Stb. 2016/352.
Zie over het thema Integrated Reporting onder meer Lambooy e.a. 2012 en over de ontwikkelingen inzake rapporteren waarbij duurzaamheid een rol speelt Pabbruwe e.a. 2017.
“Integrated reporting is de samenvattende rapportage waarin organisaties aangeven hoe zij duurzaam opereren en hoe strategie, governance, prestaties en vooruitzichten (maatschappelijke) waarde opleveren voor de korte, middellange en lange termijn. De top van de verslaggevingspiramide. De belangstelling hiervoor is de laatste twee jaar sterk toegenomen.” Zie: www.nba.nl/themas/externe-verslaggeving/integrated-reporting/.
Onder overige gegevens wordt volgens artikel 2:392 BW verstaan: de accountantsverklaring (controleverklaring) of een mededeling waarom deze ontbreekt; de statutaire regeling omtrent de winstbestemming; de statutaire regeling omtrent de bijdrage in het tekort bij een coöperatie of een onderlinge waarborgmaatschappij, voor zover deze afwijkt van de wettelijke bepalingen: een lijst van namen van degenen die een bijzonder statutair zeggenschapsrecht hebben in de rechtspersoon, met een omschrijving van de aard van dat recht; een opgave van het aantal stemrechtloze aandelen en het aantal aandelen dat niet of slechts beperkt deelt in de winst of reserves, met vermelding van de bevoegdheden die zij geven en een opgave van het bestaan van nevenvestigingen (filialen) en van de landen waar nevenvestigingen zijn, alsmede van hun handelsnaam indien deze afwijkt van die van de rechtspersoon. Met ingang van verslagjaren die aanvangen op of na 1 januari 2016 hoeven kleine rechtspersonen geen overige gegevens meer toe te voegen aan de jaarrekening (art. 2:396 lid 7 BW). Ook microrechtspersonen hoeven geen Overige gegevens toe te voegen (art. 2:395a lid 6 BW). Middelgrote rechtspersonen hoeven eveneens bepaalde gegevens niet openbaar te maken (art. 2:397 lid 7 BW).
In dat geval worden deze gegevens ten kantore van de rechtspersoon ter inzage gelegd. Op verzoek dient een volledig of gedeeltelijk afschrift daarvan tegen ten hoogste de kostprijs worden verstrekt. Wanneer de rechtspersoon hiervoor kiest, dient dit wel in het Handelsregister te worden vermeld (art. 2:394 lid 4 BW).
De jaarrekening1 is een vorm van externe verslaggeving door de rechtspersoon. Diverse belanghebbenden van de rechtspersoon zullen externe verslaggeving verlangen. Mogelijk laten zij zich bij het nemen van bepaalde beslissingen leiden door de financiële conditie waarin een rechtspersoon verkeert. Gedacht kan worden aan bestaande en toekomstige contractspartijen die overwegen om overeenkomsten aan te gaan of voort te zetten. Uiteraard vallen ook kredietverschaffers (kredietinstellingen maar ook leveranciers) onder de groep contractspartijen. Mogelijk zullen deze partijen de financiële informatie gebruiken om een inschatting te maken of verplichtingen tijdig zullen worden voldaan en of nieuwe kredieten zullen worden verstrekt en tegen welke voorwaarden dat zal gebeuren. Bestaande relaties zullen informatie wensen om een inschatting te kunnen maken van de continuïteit van de rechtspersoon en de door de rechtspersoon gedreven onderneming.
Het feit dat een rechtspersoon kan functioneren als een schild tegen aansprakelijkheid van de natuurlijke personen die namens de rechtspersoon handelen, legitimeert dat een rechtspersoon openheid van zaken moet geven omtrent haar financiële situatie. Er is in beginsel geen juridische basis waarop externe partijen invloed kunnen uitoefenen op de beslissing van een rechtspersoon om de vrijstelling van artikel 2:403 BW toe te passen. Wanneer een rechtspersoon besluit om gebruik te maken van de groepsvrijstelling, worden externe partijen, misschien ongewild, geconfronteerd met een gebrek aan inzicht in de financiële gegevens van de vrijgestelde rechtspersoon.
Een nadeel van het opstellen en openbaar maken van de financiële gegevens van alle tot een concern behorende rechtspersonen is dat dit een enorme administratieve last oplevert. Dit kost tijd en geld. De wetgever heeft daarom een vrijstellingsregeling geïntroduceerd. Wanneer deze vrijstellingsregeling wordt toegepast, hoeft de vrijgestelde rechtspersoon geen volledige jaarrekening op te stellen, hoeft ten aanzien van de stukken van de vrijgestelde rechtspersoon geen accountantscontrole te worden uitgevoerd en hoeft de vrijgestelde rechtspersoon geen jaarstukken te publiceren. Om belanghebbenden te compenseren voor het gebrek aan informatie dat ten gevolge van de vrijstelling ontstaat, heeft de wetgever een systeem ontworpen om dit gebrek aan informatie te compenseren.
De jaarrekening en het bestuursverslag voorzien niet alleen externe partijen van informatie. Voor interne partijen vormen deze stukken eveneens een belangrijke informatiebron. Binnen de BV en de NV kan in eerste instantie worden gedacht aan de aandeelhouders. De informatie die aan aandeelhouders wordt verstrekt, kan van invloed zijn op de manier waarop de aandeelhouders hun bevoegdheden uitoefenen. Ook kan deze informatie van invloed zijn op de beslissing om nieuwe aandelen te nemen, te kopen, aan te houden of te verkopen. Omdat de informatievoorziening door een jaarrekening en het bestuursverslag van belang is voor de leden of aandeelhouders, dienen alle leden of aandeelhouders van de vrij te stellen rechtspersoon2 in te stemmen met een beslissing van het bestuur van de vrij te stellen rechtspersoon om de groepsvrijstelling van artikel 2:403 BW toe te passen. Zie artikel 2:403 lid 1 sub b BW:3
Artikel 2:403 BW
1. Een tot een groep behorende rechtspersoon behoeft de jaarrekening niet overeenkomstig de voorschriften van deze titel in te richten, mits:
(...)
b. de leden of aandeelhouders na de aanvang van het boekjaar en voor de vaststelling van de jaarrekening schriftelijk hebben verklaard met afwijking van de voorschriften in te stemmen;
Naast de reeds genoemde externe partijen (zoals contractspartijen) en interne partijen (zoals leden en aandeelhouders) is er nog een aantal andere partijen aan te wijzen die belang kunnen hebben bij de publicatie van een volledige jaarrekening.4 Gedacht kan worden aan werknemers en werknemersorganisaties. Zij zullen geïnteresseerd zijn in de continuïteit en winstgevendheid van de onderneming met het oog op de zekerheid van de werkgelegenheid en mogelijk met het oog op een eventuele variabele beloning.5
Wordt nog ruimer gekeken, dan zou ook de overheid tot de groep belanghebbenden kunnen worden gerekend. Niet in de laatste plaats in verband met de heffing van belastingen.6
Aan het uiterste eind van het spectrum van belanghebbenden zitten partijen die een belang kunnen hebben bij het verkrijgen van informatie betreffende het beleid dat door een rechtspersoon wordt gevoerd.7 Denk aan belangenorganisatie, of omwonenden van een terrein waar een vrijgestelde rechtspersoon haar activiteiten ontplooit. In het kader van een breed spectrum van belanghebbenden zij verwezen naar de ontwikkelingen op het gebied van integrated reporting.8 Met intergrated reporting wordt een wijze van verslaggeving nagestreefd waarbij inzichtelijk wordt gemaakt wat de invloed en impact van een rechtspersoon is op de omgeving van die rechtspersoon. Thema’s als duurzaamheid, relaties met andere partijen, risicoanalyses en toekomstige uitdagingen zijn daarbij belangrijke thema’s.9
Of het doel van een jaarrekening en het bestuursverslag op basis van de huidige regelgeving wordt bereikt, valt te betwijfelen. Het doel is dat belanghebbenden adequaat worden geïnformeerd. Maar de jaarstukken geven geen actueel beeld. Doorgaans vindt de publicatie pas een jaar na het aflopen van het boekjaar plaats. Daarmee geeft een jaarrekening een indruk van de financiële consequenties van gebeurtenissen in het verleden en geeft het geen actueel beeld van de financiële conditie van een rechtspersoon. In dat kader kan terecht de vraag worden gesteld in welke mate de jaarrekening een document is op basis waarvan beslissingen worden genomen. Bij het nemen van beslissingen zal juist behoefte bestaan aan prospectieve informatie.
De jaarrekening dient openbaar te worden gemaakt door deze te deponeren bij het Handelsregister. Het bestuursverslag en de overige gegevens10 hoeven niet bij het Handelsregister te worden gedeponeerd.11