Gst. 2024/27
Strafrechtelijke immuniteit openbaar lichaam. Geen strafrechtelijke immuniteit wegens poging tot doden of vangen van een beschermde diersoort. (Waterschap)
HR 21-11-2023, ECLI:NL:HR:2023:1607, m.nt. B. van der Vorm
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 november 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien en C. Caminada
- Zaaknummer
22/01250
- Noot
B. van der Vorm
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS948325:1
- Vakgebied(en)
Natuurbeschermingsrecht / Algemeen
Staatsrecht / Decentralisatie
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1607, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑11‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:860, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 03‑10‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑12‑2022
- Wetingang
Essentie
Strafrechtelijke immuniteit openbaar lichaam. Geen strafrechtelijke immuniteit wegens poging tot doden of vangen van een beschermde diersoort. (Waterschap)
Samenvatting
Strafrechtelijke immuniteit van een openbaar lichaam als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Grondwet dient alleen te worden aangenomen als de betreffende gedragingen naar hun aard en gelet op het wettelijk systeem rechtens niet anders dan door bestuursfunctionarissen kunnen worden verricht in het kader van de uitvoering van de aan het openbaar lichaam opgedragen bestuurstaak, zodat uitgesloten is dat derden in zoverre op gelijke voet als het openbaar lichaam aan het maatschappelijk verkeer deelnemen. In andere gevallen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.