Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.3.4.3:3.3.4.3 De bewijsaandraagplicht
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.3.4.3
3.3.4.3 De bewijsaandraagplicht
Documentgegevens:
Wim Wetzels, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Wim Wetzels
- JCDI
JCDI:ADS982225:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De eis in het derde lid van art. 111 Rv dat eiser in het exploot de bewijsmiddelen moet vermelden waarover hij kan beschikken en de getuigen die hij kan doen horen ter staving van de betwiste gronden van de eis, dwingt beide partijen volgens de memorie van toelichting1 ertoe hun positie in het debat onder ogen te zien. Voor eiser kan gelden dat zijn kansen minder groot blijken te zijn dan hij tot dan toe dacht; gedaagde kan na de presentatie van eisers zaak tot het inzicht komen dat het beter is eieren voor zijn geld te kiezen. Zo ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.