Rb. Rotterdam, 03-02-2021, nr. C/10/612389 / FA RK 21-764
ECLI:NL:RBROT:2021:1153
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
03-02-2021
- Zaaknummer
C/10/612389 / FA RK 21-764
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBROT:2021:1153, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 03‑02‑2021; (Beschikking)
- Vindplaatsen
JGz 2021/33 met annotatie van Jong, J.J. de
Uitspraak 03‑02‑2021
Inhoudsindicatie
Art. 8.12 WvGGZ. Wijziging zorgmachtiging. Toewijzen. In het kader van de zorgmachtiging is alleen ambulante afspraken nakomen opgenomen als verplichte vorm van zorg. Na agressie incident is tijdelijk zorg verleend in de vorm van medicatie toediening en opname. Deze vormen zijn als verplichte vormen van zorg toegevoegd aan de lopende zorgmachtiging.
Partij(en)
RECHTBANK ROTTERDAM
Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/612389 / FA RK 21-764
Externe referentie: [nummer]
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 3 februari 2021 betreffende een wijziging van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 8:12 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,
met betrekking tot:
[naam betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] ,
hierna: betrokkene,
wonende te [adres betrokkene] ,
thans verblijvende in Antes, locatie Poortmolen te Capelle aan den IJssel,
advocaat mr. K. Lammers-Roselaar te Rotterdam.
1. Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 29 januari 2021.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- -
de medische verklaring van 20 januari 2021;
- -
het zorgplan van 20 januari 2021;
- -
de aanvraag van de zorgverantwoordelijke van 20 januari 2021;
- -
het advies van de geneesheer-directeur van 20 januari 2021.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 3 februari 2021. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:
- -
betrokkene met zijn hiervoor genoemde advocaat;
- -
[naam 1] , de officier;
- -
[naam 2] , arts, en
- -
[naam 3] , sociaal psychiatrisch verpleegkundige, beiden verbonden aan Antes.
2. Beoordeling
Niet-ontvankelijkheid
2.1.
De advocaat bepleit namens betrokkene voor niet-ontvankelijkheid van het verzoek omdat er sprake is van een forse termijnoverschrijding. Aan betrokkene is op 25 januari jl. tijdelijke verplichte zorg verleend, wat maximaal drie dagen mag duren. De officier heeft op 29 januari jl. het onderhavig verzoek bij de rechtbank ingediend, terwijl dat uiterlijk 27 januari jl. had moeten gebeuren. Hierdoor is er niet aan de wet voldaan en dient de officier niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar verzoek.
De officier verklaart dat op 25 januari jl. aan betrokkene tijdelijke zorg is verleend omdat zijn situatie verslechterde. Op 29 januari jl. is de officier daarover ingelicht en heeft daarop direct een verzoek ingediend. Weliswaar te laat, maar de overschrijding is niet dermate ernstig dat de officier niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Bovendien regelt de wet niet dat er sancties staan op een termijnoverschrijding. De wijziging is onverwijld noodzakelijk en om die reden handhaaft de officier het verzoek.
De rechtbank stelt vast dat er sprake is van een termijnoverschrijding van twee dagen. De wetgever verbindt aan een termijnoverschrijding geen consequenties. Gelet op de geringe termijnoverschrijding ziet de rechtbank geen aanleiding om de officier niet-ontvankelijk te verklaren. Dit staat dan ook niet in de weg tot het behandelen van het verzoek.
Wijziging van de zorgmachtiging
2.2.
Voor betrokkene is op 8 januari 2021 een zorgmachtiging afgegeven voor de duur van zes maanden. Daarbij is bepaald dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregel kan worden getroffen:
het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen: het verplicht nakomen van ambulante afspraken.
2.3.
Uit de aanvraag van de zorgverantwoordelijke, die door de geneesheer-directeur is ingediend vergezeld van zijn advies hierover, blijkt dat de in deze zorgmachtiging genoemde vorm van verplichte zorg op zichzelf niet (langer) volstaan, waardoor er sprake is van een (dreigende) noodsituatie als bedoeld in artikel 8:11 van de Wvggz.
Voor betrokkene is op 8 januari jl. een zorgmachtiging afgegeven voor de duur van zes maanden. Als verplichte vorm van zorg is opgenomen dat betrokkene verplicht is om zijn ambulante afspraken na te komen. Betrokkene verzuimde, op een keer na, om de gemaakte afspraken na te komen. Bij een huisbezoek, naar aanleiding van het niet verschijnen, vertoonde betrokkene paranoïde psychotisch gedrag en was hij dreigend en intimiderend naar de hulpverleners toe. Tevens uitte betrokkene dreigementen naar familie toe die zich hierdoor onveilig voelden. Betrokkene weigerde constant medicatie en hulp bij het regelen van praktische zaken. Op 25 januari j.l. meldde de zus van betrokkene dat zij fysiek mishandeld was door betrokkene. De zus heeft hierdoor letsel opgelopen en heeft aangifte gedaan. Ook is betrokkene niet meer welkom om bij zijn familie in huis te wonen.
2.4.
Teneinde deze noodsituatie af te wenden, heeft de zorgverantwoordelijke, bij wijze van tijdelijke maatregel, de volgende vormen van verplichte zorg toegepast:
- -
het toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- -
beperken van de bewegingsvrijheid;
- -
het opnemen in een accommodatie.
2.5.
Gebleken is dat deze vormen van zorg, die niet zijn opgenomen in de zorgmachtiging, ook na verloop van drie dagen moeten worden voortgezet. De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de aanvraag van de zorgverantwoordelijke, het advies van de geneesheer-directeur en het zorgplan.
Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
- -
het toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- -
het opnemen in een accommodatie.
2.6.
Betrokkene verzet zich tegen deze aanvullende vormen van verplichte zorg. Betrokkene is van mening dat hij niet psychotisch is en dat hij geen medicatie nodig heeft. Betrokkene vindt dat hij tegen zijn wil klinisch is opgenomen.
2.7.
Gebleken is dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn die hetzelfde met de zorgmachtiging beoogde effect hebben. De voorgestelde gewijzigde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van deze zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.8.
Gelet op het voorgaande is met de voorgestelde wijziging voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. Het verzoek zal dan ook worden toegewezen.
3. Beslissing
De rechtbank:
3.1.
wijzigt de zorgmachtiging van 8 januari 2021 ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd, in die zin dat in aanvulling op de bij beschikking van 8 januari 2021 opgenomen vormen van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- -
het toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- -
het opnemen in een accommodatie.
3.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 juli 2021.
Deze beschikking is op 3 februari 2021 mondeling gegeven door mr. P. Vrolijk, rechter, in tegenwoordigheid van S.M. Plaisier-van Welie, griffier en op 9 februari 2021 schriftelijk uitgewerkt en getekend. | ||
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.