NJ 1942/396
Arbiter door den Kantonrechter te 's-Gravenhage aangewezen krachtens niet door eenige wetsbepaling verboden overeenkomst. Art. 624 Rv. niet van toepassing. Novum in cassatie. Geen vonnis als bedoek bij art. 168 Grondwet en art. 20 R. O.
HR 23-04-1942, ECLI:NL:HR:1942:196
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 april 1942
- Magistraten
Mrs. van Loon, Fick, Nypels, van der Meulen en Smits.
- Zaaknummer
[23041942/NJ_1942-396]
- Conclusie
Mr. Berger
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1942:196, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑04‑1942
- Wetingang
(Rv art. 398-429, 623, 624; RO art. 20.)
Essentie
Arbiter door den Kantonrechter te 's-Gravenhage aangewezen krachtens niet door eenige wetsbepaling verboden overeenkomst. Art. 624 Rv. niet van toepassing. Novum in cassatie. Geen vonnis als bedoek bij art. 168 Grondwet en art. 20 R. O.
Samenvatting
Ten deze staat feitelijk vast, dat in de huurovereenkomst tusschen partijen is overeengekomen, dat huurder en verhuurster ieder één arbiter zouden aanwijzen, en deze twee benoemde arbiters te zamen een derde zouden benoemen, terwijl, indien één der partijen in gebreke mocht blijven een arbiter aan te wijzen, de Kantonrechter te 's-Gravenhage voor de in gebreke blijvende partij den arbiter zou benoemen. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.