AB 2018/396
Summum jus, summa injuria. Rechtbank had in redelijkheid niet tot niet-ontvankelijkverklaring mogen komen.
CRvB 29-08-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2705, m.nt. R. Ortlep
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
29 augustus 2018
- Magistraten
Mr. E. Dijt
- Zaaknummer
17/6215 WW
- Noot
R. Ortlep
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS13782:1
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2018:2705, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 29‑08‑2018
- Wetingang
Essentie
Summum jus, summa injuria. Rechtbank had in redelijkheid niet tot niet-ontvankelijkverklaring mogen komen.
Samenvatting
Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard. Hiertoe heeft de rechtbank het volgende overwogen. Appellant heeft op 9 maart 2017 pro-forma beroep ingediend en verzocht om uitstel voor het indienen van de gronden van beroep. De rechtbank heeft appellant bij aangetekende brief van 10 maart 2017 verzocht om binnen vier weken na de datum van verzending van die brief de gronden van beroep in te dienen. De termijn om gronden van beroep in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.