Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/15.3.3
15.3.3 Formeel toepassingsbereik van Afdeling 4 EEX-V°/Verdrag
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS418044:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 8 EEX-V°/7 Verdrag bepaalt voor Afdeling 3 hetzelfde.
Art. 16 lid 1 EEX-V°/14 lid 1 Verdrag.
De rechtspraak over art. 15 EEX-V°/13 Verdrag over het begrip 'filiaal, agentschap of enige andere vestiging' sluit aan bij de art. 5 lid 5 EEX-V°/Verdrag.
HvJ EG 15 september 1994, zaak C-318-93, Brenner en Noller/Dean Witter Reynolds, Jur. 1994, p. 1-4275, NJ 1995, 420.
HvJ EG 13 juli 2000, zaak C-412/98, Group Josi/UGIC, Jur. 2000, p. 1-5925, NJ 2003, 597, r.o. 57 waarover Zilinsky, Ondernemingsrecht, 2001, p. 438.
Par. 7.2.
Par. 16.2 behandelt de verhouding tussen art. 4 EEX-V°/Verdrag en forumkeuze krachtens art. 23 en 24 EEX-V°/17 en 18 Verdrag.
Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 119; anders: Verheul, Rechtsmacht, p. 70, die in het geval dat de eiser wel maar de verweerder geen woonplaats heeft in een verdragsluitende staat slechts art. 17 Verdrag van toepassing acht.
Strikwerda, Inleiding NIPR, 7
Gothot/Holleaux, La Convention, p. 81, nr. 139 met verwijzing naar nr. 128; Gaudemet — Tallon, Les Convention, p. 80 en 192; Gaudemet-Tallon, Compétence en Europe, p. 95 en 233; Holleaux/Foyer/Geouffre de la Pradelle, Dip, p. 384; Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 75 en 119; Kropholler, EZPR, p. 310; Strikwerda, Inleiding NIPR, p. 268 (impliciet); anders: Van Houtte, Europese 'PR-Verdragen, p. 63 en Verheul, Rechtsmacht, Deel 1, p. 71.
De Bra, Verbraucherschutz, p. 192.
De Bra, Verbraucherschutz, p. 192.
Kropholler, EZPR, p. 210, nr. 6.
Afdeling 4 — en derhalve ook art. 17 EEX-V°/15 Verdrag — kent een toepassingsbereik dat afwijkt van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag. Afdeling 4 is slechts van toepassing, indien de verweerder zijn woonplaats heeft op het grondgebied van een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat. Deze beperking van het formele toepassingsbereik blijkt niet expliciet uit Afdeling 4, maar volgt uit art. 15 aanhef EEX-V°/14 aanhef Verdrag en is van toepassing op de hele afdeling. Art. 15 aanhef EEX-V°/13 aanhef Verdrag bepaalt dat art. 4 EEX-V°/Verdrag onverkort van toepassing is op consumentenovereenkomsten die worden beheerst door Afdeling 4.1 Art. 4 EEX-V°Nerdrag houdt in dat het commune internationaal privaatrecht van elke EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat de bevoegdheid beheerst, zodra de verweerder geen woonplaats heeft in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat. Het commune internationaal privaatrecht regelt derhalve de internationale bevoegdheid, indien de consument de vordering brengt voor het gerecht van zijn woonplaats in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat (forum actoris) tegen een wederpartij met woonplaats buiten de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten.2 Deze laatste bevoegdheidsregel blijkt ook uit art. 15 lid 2 EEX-V°/13 lid 2 Verdrag. De wederpartij van een consument zonder woonplaats in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat, maar met filiaal, agentschap of enige andere vestiging in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat, wordt geacht woonplaats te hebben op het grondgebied van die EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat. De consument heeft dus de keuze om de vordering tegen zijn wederpartij in te stellen voor het gerecht in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat van de woonplaats3 van de consument of — op basis van art. 15 lid 2 EEX-V°/13 lid 2 Verdrag — van de fictieve woonplaats4 van de wederpartij.5
De woonplaats van de eiser — consument dan wel wederpartij — is voor toepasselijkheid van Afdeling 4 niet van belang en mag zich ook buiten de EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staten bevinden. Uit het arrest Group Josi/UGIC6 kan over het toepassingsbereik van Afdeling 3 worden afgeleid dat ook eisers in niet EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten die een geschil hebben met een wederpartij in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat zijn gebonden aan het bepaalde in Afdeling 3. Voor Afdeling 4 geldt hetzelfde.
Het beginsel dat de verweerder voor de toepasselijkheid van Afdeling 4 in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat woonplaats moet hebben, kent uitsluitend uitzonderingen die betrekking hebben op een forumkeuze in consumentenovereenkomsten:
Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag is van toepassing indien slechts één van de partijen haar woonplaats heeft in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat (eiser of verweerder) en partijen het gerecht of de gerechten van een EG-lidstaat of verdragsluitende staat hebben aangewezen.7 Daarmee neemt art. 23 EEX-V°/17 Verdrag een bijzondere positie in en vormt een uitzondering op de regel van art. 4 EEX-V°Nerdrag.8 Reden voor de uitzondering is dat bij een forumkeuze de processuele positie (eiser of verweerder) tevoren niet bekend zal zijn. Toch moeten partijen (rechts)zekerheid hebben over het recht dat de forumkeuze zal beheersen. Op grond van dezelfde reden neem ik aan dat een forumkeuze binnen het bereik van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag komt, indien één van de partijen woonplaats heeft binnen een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat. Art. 17 EEX-V°/15 Verdrag is dus van toepassing ongeacht welke partij bij de forumkeuze woonplaats heeft in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat: eiser of verweerder.9 Art. 17 EEX-V°/15 Verdrag heeft derhalve een ruimer toepassingsbereik dan de art. 15 — 16 EEX-V°/13 — 14 Verdrag en volgt gelet op het bepaalde in art. 23 lid 5 EEX-V°/17 lid 4 Verdrag het toepassingsbereik van dit artikel. Art. 17 EEX-V°/15 Verdrag is daarom ook van toepassing, indien de verweerder woonplaats heeft buiten de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten. Een voorbeeld is de vordering van de wederpartij tegen een consument die geen woonplaats heeft in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat en de aanwijzing in een forumkeuze van een gerecht van een EG c.q. verdragsluitende staat. Afdeling 4 is dan niet van toepassing op grond van art. 15 lid 1 EEX-V°/13 lid 1 Verdrag, maar de forumkeuze zal moeten voldoen aan de voorwaarden die art. 17 EEX-V°/15 Verdrag stellen.
Indien geen van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat, maar in een consumentenovereenkomst een forum in een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat is aangewezen, rij st de vraag of art. 17 EEX-V°/15 Verdrag van toepassing is. Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag is niet van toepassing, maar dat behoeft niet doorslaggevend te zijn. Afdeling 4 bepaalt immers zelfstandig de bevoegdheid betreffende consumentenovereenkomsten. Gezien de beschermingsgedachte ligt toepasselijkheid van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag voor de hand. Anderzijds is de aanknoping met de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten bijzonder gering. Een ruime interpretatie leidt tot bescherming van consumenten met woonplaats buiten het grondgebied van de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten die een overeenkomst hebben gesloten met een wederpartij die evenmin woonplaats heeft in de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten. Het gaat om een soort 'export' van de beschermingsgedachte voor partijen buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten. Naar mijn mening is een dergelijke forumkeuze niet onderworpen aan art. 17 EEX-V°/15 Verdrag, omdat de rechtsorde van de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten onvoldoende is betrokken door aanwijzing van een gerecht van een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat.10 Voorts is Afdeling 4 slechts van toepassing, indien de verweerder woonplaats heeft in een EG-lidstaat of verdragsluitende staat. Een uitbreiding van de toepasselijkheid van Afdeling 4 tot deze categorie zou daarmee in strijd zijn. Bovendien blijkt uit art. 17 aanhef EEX-V°/15 aanhef Verdrag dat de bepaling betrekking heeft op afwijking van Afdeling 4 door forumkeuze. Afdeling 4 is echter niet van toepassing, omdat geen van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat (behoudens het bepaalde in art. 15 lid 2 EEX-V°/13 lid 2 Verdrag). Het commune internationaal privaatrecht beschermt de consument veelal eveneens tegen een forumkeuze in zijn nadeel, zodat er onvoldoende redenen zijn om af te wijken van het formele toepassingsbereik van Afdeling 4.
Ten slotte rijst de vraag of art. 17 EEX-V°/15 Verdrag van toepassing is, indien een forum buiten de EG-lidstaten resp. verdragsluitende staten is aangewezen en minimaal één van de partijen in een EG-lidstaat resp. een verdragsluitende staat woonplaats heeft. Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag is in deze situatie niet van toepassing, maar dat behoeft niet doorslaggevend te zijn. Gezien de beoogde bescherming van de sociaal-economisch zwakkere partij is toepasselijkheid van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag een gedachte die recht doet aan de strekking van deze artikelen. Nog meer dan een forumkeuze ten gunste van een gerecht van een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat is de aanwijzing van een gerecht buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten voor de consument bezwaarlijk. Er is geen reden hem de bescherming van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag tegen een meer belastende forumkeuze te onthouden daar waar de consument tegen het mindere is beschermd.11 De aanknoping met de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten is weliswaar geringer, maar de beschermingsgedachte van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag zou weinig voorstellen indien de consument niet tegen forumkeuzen voor gerechten buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten zou worden beschermd. Niet toepasselijkheid van Afdeling 4 is niet te rijmen met de beschermingsgedachte. Voorts wijs ik op art. 17 aanhef EEX-V°/15 aanhef Verdrag. In de aanhef is in algemene zin vermeld dat van de bevoegdheid van de bepalingen van Afdeling 4 slechts kan worden afgeweken door de daarna genoemde overeenkomsten. Een keuze voor een gerecht van een niet EG-lidstaat c.q. niet verdragsluitende staat noemt het art. niet, zodat een dergelijke forumkeuze geen rechtsgevolg heeft.12 Derhalve blijven de gerechten van de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten bevoegd in weerwil van een forumkeuze voor een gerecht van een niet EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat. Tot slot vloeit de ongeldigheid van forumkeuzen voor gerechten van niet EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten voort uit art. 23 lid 5 EEX-V°/17 lid 3 Verdrag.13 Deze bepaling kent een onbeperkt verbod voor forumkeuzen die afwijken van de bepalingen van art. 17 EEX-V°/15 Verdrag. Niettemin kan mijns inziens beter de systematiek van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag worden gevolgd, zoals ook voor de woonplaats van partijen gebeurt. De derogatie door forumkeuze wordt overgelaten aan het commune internationaal privaatrecht, indien een gerecht van een niet EG-lidstaat of verdragsluitende staat is aangewezen. Voor consumentenovereenkomsten zou dezelfde lijn kunnen worden gevolgd zodat Afdeling 4 en art. 23 EEX-V°/17 Verdrag beter op elkaar aansluiten.14 Eventuele bescherming van de consument kan plaats vinden in het commune internationaal privaatrecht.