Belastingadvies 2020/4.3
Correctie bovenmatige deelnemingsrente te fors bij aanwezigheid uitbreidingsinvesteringen
Hof Den Haag 13-11-2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:3061
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
13 november 2019
- Zaaknummer
BK-18/00683 en BK-18/00686
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS183340:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Deelnemingsvrijstelling
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2019:3061, Uitspraak, Hof Den Haag, 13‑11‑2019
ECLI:NL:GHDHA:2019:3065, Uitspraak, Hof Den Haag, 02‑10‑2019
- Wetingang
Art. 13l Wet VPB 1969
Essentie
Hof Den Haag oordeelt dat twee van de drie investeringen zijn aan te merken als uitbreidingsinvesteringen die buiten beschouwing mogen blijven voor het bepalen van de aftrekbare rente op grond van art. 13l Wet VPB 1969. Hiermee moet namelijk rekening worden gehouden bij het bepalen van de deelnemingsschuld.
Samenvatting
De Belgische Z-groep is sinds 1908 actief in de internationale logistieke dienstverlening. In 2012 wordt het vastgoed ondergebracht in een aparte divisie, om extern financiering te kunnen aantrekken tegen relatief gunstige leningsvoorwaarden. Belanghebbende, X bv, maakt onderdeel uit van de vastgoeddivisie. In 2012 trekt X bv via ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.