NJB 2024/1652
Wet verplichte geestelijke gezondsheidszorg. Vervolg op HR 15 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1220. Was een medisch onderzoek in fysieke aanwezigheid van betrokkene redelijkerwijs mogelijk? Hoge Raad: De in de medische verklaring vermelde omstandigheden kunnen niet het oordeel dragen dat een medisch onderzoek in fysieke aanwezigheid van betrokkene redelijkerwijs niet mogelijk was. In het bijzonder kan daaruit niet worden afgeleid dat betrokkene thuis was, maar niet opendeed en dus kennelijk weigerde om aan een onderzoek mee te werken.
HR 12-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:1075
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 juli 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, C.H. Sieburgh
- Zaaknummer
24/00631
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1075, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑07‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:408, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑04‑2024
- Wetingang
(art. 6:4 Wvggz)
Essentie
Wet verplichte geestelijke gezondsheidszorg. Vervolg op HR 15 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1220. Was een medisch onderzoek in fysieke aanwezigheid van betrokkene redelijkerwijs mogelijk? Hoge Raad: De in de medische verklaring vermelde omstandigheden kunnen niet het oordeel dragen dat een medisch onderzoek in fysieke aanwezigheid van betrokkene redelijkerwijs niet mogelijk was. In het bijzonder kan daaruit niet worden afgeleid dat betrokkene thuis was, maar niet opendeed en dus kennelijk weigerde om aan een onderzoek mee te werken.
Partij(en)
Betrokkene, adv. mr. G.E.M. Later, vs. de officier van justitie, niet verschenen.
Uitspraak
Procesverloop
In dit geding heeft de rechtbank ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.