Gewogen rechtsmacht in het IPR
Einde inhoudsopgave
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/4.4:4.4 Slotopmerkingen
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/4.4
4.4 Slotopmerkingen
Documentgegevens:
mr. F. Ibili, datum 28-11-2006
- Datum
28-11-2006
- Auteur
mr. F. Ibili
- JCDI
JCDI:ADS437968:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het element van de verbondenheid met de Nederlandse rechtssfeer komt behalve in het forum non conveniens van art. 4 lid 3 sub b Rv, ook voor in de forum conveniensvarianten van art. 3 sub c Rv en art. 5 Rv. Anders dan het forum non conveniens heeft het element van de verbondenheid in art. 3 sub c Rv en art. 5 Rv geen rechtsmachtontnemende, maar juist een rechtsmachtscheppende functie. Forum conveniens verschaft de Nederlandse rechter een discretionaire bevoegdheid om van geval tot geval te beoordelen of de uitoefening van rechtsmacht, ondanks het ontbreken van een in de wet geëxpliciteerde aanknopingsfactor, gerechtvaardigd is. De Nederlandse rechter verklaart zich als forum conveniens bevoegd, indien het verzoek voldoende met de rechtssfeer van Nederland is verbonden. Bij de beantwoording van de vraag of voldaan is aan de verbondenheidseis geniet de Nederlandse rechter een ruime beoordelingsvrijheid. Deze open bevoegdheidsnorm komt, zo kan men betogen, de rechtszekerheid in het Nederlandse jurisdictierecht niet ten goede. Vooraf valt immers niet met duidelijkheid te zeggen in welke gevallen een zaak voldoende met Nederland is verbonden. Desondanks is het opnemen van een open rechtsmachtregel in art. 3 sub c Rv nodig gebleken, omdat het uitgangspunt in de nieuwe rechtsmachtregeling — anders dan onder `oud' procesrecht — niet langer is dat de Nederlandse rechter in verzoekschriftzaken altijd rechtsmacht heeft. In art. 5 Rv is een open rechtsmachtregel gerechtvaardigd, omdat het belang van het kind een flexibele bevoegdheidsgrond vereist. Art. 5 Rv stelt als voornaamste eis dat de uitoefening van rechtsmacht door de Nederlandse rechter in het belang van het kind is. De per 1 mei 2006 geldende vernieuwde tekst van art. 5 Rv verklaart de Nederlandse rechter in beginsel onbevoegd indien het kind in het buitenland zijn gewone verblijfplaats heeft, 'tenzij hij zich in een uitzonderlijk geval, wegens de verbondenheid van de zaak met de rechtssfeer van Nederland, in staat acht het belang van het kind naar behoren te beoordelen.'
In bepaalde gevallen kan de Nederlandse rechter zich geroepen voelen of zelfs verplicht zijn om als een noodforum (forum necessitatis) rechtsmacht uit te oefenen, ondanks het ontbreken van enige of voldoende aanknopingspunten met de Nederlandse rechtssfeer. De commune rechtsmachtregeling kent twee verschillende vormen van forum necessitatis, welke neergelegd zijn in art. 9 sub b en c Rv. Er kunnen zich vragen voordoen naar de verhouding tussen enerzijds het forum conveniens van art. 3 sub c Rv en art. 5 Rv en anderzijds het forum necessitatis van art. 9 sub b en/of sub c Rv. Deze en ook andere vragen rondom de Nederlandse forum necessitatisregeling komen in het volgende hoofdstuk aan de orde.