Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.5.1:14.5.1 Inleiding
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.5.1
14.5.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS493499:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Melai/Groenhuijsen, aant. 10 bij art. 1. Anders dan het begrip ‘strafvordering’ duidt het begrip ‘opsporing’ niet op een formeel kader voor bevoegdheidsuitoefening, maar op een taak of functie (zie Melai/Groenhuijsen, aant. 20 bij art. 1).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De strafrechtelijke handhaving van de belastingwet steunt grotendeels op de voorschriften uit Sv. De term ‘strafvordering’ is gericht op de handhaving van normen die met strafsancties worden bedreigd. Daarin ligt besloten de opsporing, vervolging en tenuitvoerlegging van een straf.1 Voor deze studie is vooral van belang de fiscale opsporing die de vervolging van fiscale delicten (bewijstechnisch) mogelijk moet maken. Na een korte schets van de opsporing en vervolging in belastingzaken in § 14.5.2, zal ik in § 14.5.3 de medewerking onder sanctiedreiging van de verdachte aan het (fiscaal) opsporingsonderzoek in kaart brengen. De tenuitvoerlegging van straffen laat ik wegens gebrek aan belang voor deze studie buiten beschouwing.