NJ 1957/526
Betekenis van een veroordelend strafvonnis wegens overtreding van art. 23 Wegenverkeersreglement voor het bewijs van schuld aan een aanrijding in een civiele procedure.
HR 15-03-1957, ECLI:NL:HR:1957:70
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 maart 1957
- Magistraten
Mrs. Donner, Smits, Boltjes, Hülsmann en Houwing
- Zaaknummer
[15031957/NJ_1957-526]
- Conclusie
Mr. Langemeijer
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht (V)
Verkeersrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1957:70, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑03‑1957
- Wetingang
(BW art. 1955; WVR art. 23.)
Essentie
Betekenis van een veroordelend strafvonnis wegens overtreding van art. 23 Wegenverkeersreglement voor het bewijs van schuld aan een aanrijding in een civiele procedure.
Samenvatting
De ingevolge art. 23 Wegenverkeersreglement — wegens overtreding waarvan verweerder is veroordeeld — op de daargenoemde weggebruikers rustende verplichting om voor tegemoetkomend verkeer „behoorlijk" uit te wijken sluit in, dat zij moeten trachten door uit te wijken een aanrijding te voorkomen, ook dan. indien achteraf zou komen vast te staan, dat door uitwijken een aanrijding niet zou zijn voorkomen. Uit de strafrechtelijke veroordeling van verweerder — waarbij is bewezen verklaard dat hij voor de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.