Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/VII.A.2
VII.A.2. Erflater leeft ook fiscaal door? Art. 44 AWR
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS406059:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Vanzelfsprekend realiseer ik mij dat 'kopjes' boven wetteksten geen andere waarde hebben dan te voldoen aan het beginsel: 'het gemak dient de mens', maar ik vind het toch aardig om melding te maken van het feit dat de 'Kluwer Pocket Belastingwetten 2007' bij art. 44 AWR vermeldt: 'Vertegenwoordiging van erflater. Ik zou nog een stap verder durven gaan en het kopje: 'Erflater leeft', aandurven. M.J. HAMER, Formele bepalingen in de Successiewet 1956 (II, slot), WPNR (2006) 6662, p. 302 noot 23 meldt onder verwijzing naar MvA 4080, nr. 5, p. 13 dat art. 44 AWR geen betrekking heeft op successierechten, verschuldigd als gevolg van het overlijden van de erflater. Zij wijst er overigens (op dezelfde pagina) op dat navorderings-en naheffingsaanslagen die na het overlijden van de belastingschuldige erflater worden vastgesteld, ten name van de erflater moeten worden opgelegd en dat de aanslagen die worden opgelegd aan de 'erven van erflater' in de jurisprudentie, Hof Den Haag 27 maart 2001, V-N 2001, 38.3 dan ook nietig zijn geoordeeld. Is dit ook een toepassing van het beginsel: erflater leeft?
In het Zwitserse belastingrecht geldt blijkens de dissertatie van WALTER FREI, Die Erben-haftung fur Forderungen aus dem Steuerrechtsverhaltnis (diss. Zurich), Konstanz: Hartung Gorre Verlag 1995, p. 168 het navolgende uitgangspunt: 'Der Willensvollstrecker ist wie im Privatrecht befugt undverpflichtet, die Steuerangelegenheiten zu erledigen. Dabei entfallt jedoch die Pflicht der Erben nicht vollumfanglich; sie bleiben Steuerpflichtige. Im allgemei-nen gemlgen sie ihrer Verpflichtung jedoch bereits, wenn sie die Steuerbehorden an den Willensvollstrecker weiterverweisen.'
Zie voor de woonplaatskeuze in het successierecht art. 43 lid 1 SW1956.
Interessant is ook de in § 80(2) van de Abgabenordnung (1977) neergelegde gedachte met betrekking tot een in fiscalibus gegeven volmacht: 'Die Vollmacht wird weder durch den Tod des Vollmachtgebers [...] aufgehoben; [...].'
Art. 43 AWR spreekt niet van executeurs, maar van 'wiens vermogen onder bewind gesteld' is. Gelet op het feit dat art. 44 AWR expliciet spreekt van executeur en 43 AWR niet, mag deze bepaling mijns inziens niet louter op basis van het bewindsaspect van executele worden opgerekt. Zeker nu art. 44 AWR spreekt van 'de bewindvoerder over de nalatenschap.' Dat wil niet zeggen dat er niet enige reflexwerking van kan uitgaan.
Ongetwijfeldwas in het civielrechtelijke gedeelte een van de belangrijkste bepalingen die ons op het juiste spoor heeft gezet wat het denken over de positie van de executeur betreft art. 3:77 BW. Deze benadering lijkt ook fiscaal voet aan de grond te hebben gekregen en wel in art. 44 AWR. Een aardige bepaling om fiscaal mee van start te gaan, al is het maar ter bepaling van de gedachten en wellicht ook symbolisch:1
'(1) Na iemands overlijden kunnen zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel in het uitoefenen van de bevoegdheden en in het nakomen van de verplichtingen, welke de overledene zou hebben gehad, ware hij in leven gebleven, worden vertegenwoordigd door een hunner, de executeur, de door de rechter benoemde vereffenaar van de nalatenschap of de bewindvoerder over de nalatenschap. Desgevorderd is ieder der in dit lid genoemde personen tot nakoming van die verplichtingen gehouden.' (Curs. BS)2
En de fiscale post voor de overledene?3
'(2) Stukken betreffende belastingaangelegenheden van een overledene kunnen worden gericht aan een der in het eerste lid genoemde personen.'
Een bijzondere bepaling. De executeur vertegenwoordigt de overledene fiscaal, althans zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel, alsof deoverlede-ne in leven is, zo lees ik erin. De vergelijking met de in art. 3:77 BW neergelegde gedachte is, zoals opgemerkt, in ieder geval snel gemaakt. Blijkbaar is er toch een fiscale overgangsperiode, of zo men wil een fase tussen 'hemel en aarde' waarin fiscale kwesties door een vertegenwoordiger van de overledene kunnen worden afgewikkeld4 en ook dienen te worden afgewikkeld.5