Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/6.3.8:6.3.8 Schorsende werking
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/6.3.8
6.3.8 Schorsende werking
Documentgegevens:
Marcia Smorenburg en Steven Venhuizen, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Marcia Smorenburg en Steven Venhuizen
- JCDI
JCDI:ADS982101:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zodra het hoger beroep aanhangig is, wordt de tenuitvoerlegging van het vonnis hierdoor geschorst (art. 350 lid 1 Rv). Reeds ondernomen executiemaatregelen worden bevroren, nieuwe executiemaatregelen zijn even niet toelaatbaar. Indien echter het vonnis uitvoerbaar bij voorraad is verklaard, treedt deze schorsende werking niet in. De tenuitvoerlegging mag doorgaan. Let wel op dat indien het hof later het vonnis vernietigt, de executant aansprakelijk kan zijn wegens onrechtmatige executie.
Executiegeschillen kunnen aan de executierechter of voorzieningenrechter (art. 438 Rv) worden voorgelegd of bij incidentele vorderingen aan het hof in de hoger beroepzaak (art. 234, 235 en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.