Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.3.2.1.2:14.3.2.1.2 Informatiebeschikking
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.3.2.1.2
14.3.2.1.2 Informatiebeschikking
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS493525:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Voor de goede orde: deze regeling geldt niet voor gebreken in de aangifteplicht, die ook met omkering worden bedreigd.
Zie art. 27e, lid 2 AWR.
Zie art. 52a, lid 3 AWR.
Zie art. 52a, lid 4 AWR.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In art. 52a, lid 1 AWR is vastgelegd dat wanneer met betrekking tot een op te leggen aanslag, navorderingsaanslag of naheffingsaanslag of een te nemen beschikking niet (volledig) wordt voldaan aan de in het vorige onderdeel genoemde informatieverplichtingen, de inspecteur dit kan vaststellen bij beschikking.1 De inspecteur wijst in deze voor bezwaar vatbare (informatie)beschikking op de omkering en verzwaring van de bewijslast ingevolge art. 25, lid 3 AWR. Gaat de betrokkene in bezwaar tegen de informatiebeschikking en is hij het niet eens met de uitspraak op bezwaar, dan kan hij daartegen in beroep bij de rechtbank. Wanneer de rechtbank het beroep tegen een informatiebeschikking ongegrond verklaart, dan stelt zij, in situaties waarin daar nog gevolg aan kan worden gegeven, een nieuwe termijn voor het voldoen aan de in die beschikking bedoelde verplichtingen.2 Dit is anders als sprake is van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
Omkering blijft achterwege als de inspecteur geen informatiebeschikking neemt of als een wel genomen informatiebeschikking door de rechter wordt vernietigd. Omkering blijft ook achterwege als de belastingplichtige binnen de door de rechter op grond van art. 27e, lid 2 AWR gestelde termijn alsnog aan de in de beschikking bedoelde verplichtingen voldoet of als de inspecteur een aanslag, navorderingsaanslag of naheffingsaanslag vaststelt of een beschikking neemt voordat de met betrekking tot die belastingaanslag of beschikking genomen informatiebeschikking onherroepelijk is geworden3. Het al dan niet nemen van een informatiebeschikking laat onverlet de mogelijkheid voor de inspecteur om een procedure aanhangig te maken bij de burgerlijke rechter strekkende tot een veroordeling tot nakoming van de verplichtingen voortvloeiende uit deze wet (op straffe van een dwangsom).4
Bij de bespreking van de omkering en verzwaring van de bewijslast in het volgende onderdeel, ga ik ervan uit dat de informatiebeschikking onherroepelijk is geworden respectievelijk dat niet de vereiste aangifte is gedaan.