Inhoudsopgave
NTBR 2019/20:Smartengeld wegens spanning, frustratie, ergernis en (ander) onbehagen?
NTBR 2019/20
Smartengeld wegens spanning, frustratie, ergernis en (ander) onbehagen?
Over het begrip ‘persoonsaantasting’ buiten lichamelijk en geestelijk letsel
Documentgegevens:
S.D. Lindenbergh, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
S.D. Lindenbergh1
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS68826:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Wetingang
art. 6:106 BW; art. 6:95 BW; art. 7:510 BW
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Met het arrest van 15 maart 2019 heeft de Hoge Raad kleur gegeven aan de aantasting van de persoon ‘op andere wijze’ in art. 6:106 onder b BW. Daaronder valt niet alleen naar objectieve maatstaven vastgesteld geestelijk letsel, maar kunnen – afhankelijk van de aard en ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan – ook gevallen worden begrepen waarin de gevolgen minder (geobjectiveerd) ernstig zijn. In deze bijdrage wordt verkend hoe deze ‘restcategorie’ van persoonsaantastingen moet worden geduid, wat er zoal onder kan vallen, en waarin begrenzingen kunnen worden gevonden.
1. Inleiding
Volgens vaste rechtspraak geldt behalve ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.