V-N 2017/24.13
Rechtbank stelt prejudiciële vragen aan Hoge Raad over Aldewereld-leer en Verordening (EG) nr. 883/2004
Rb. Zeeland-West-Brabant 20-04-2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:2454, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum
20 april 2017
- Magistraten
Van Schaik, Pauwels, Pieterse
- Zaaknummer
BRE 16/1532
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS206421:1
- Vakgebied(en)
Internationale sociale zekerheid / Premieheffing
Internationale sociale zekerheid (V)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Sociale zekerheid algemeen / Bijzondere onderwerpen
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBZWB:2017:2454, Uitspraak, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20‑04‑2017
- Wetingang
art. 6a lid onderdeel a AOW; art. 13 lid 1 en 2 Verordening (EEG) nr. 1408/71; art. 11 lid 1 en 3 Verordening (EEG) nr. 883/2004)
Essentie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant stelt vragen aan de Hoge Raad over de premieplicht voor de volksverzekeringen van een inwoner van Letland die voor een Nederlandse bv werkzaam is op een zeeschip in de internationale wateren.
Samenvatting
Belanghebbende, de heer X, heeft de Letse nationaliteit en woont in Letland. Van 13 augustus 2013 tot en met 31 december 2013 werkt X in loondienst van een in Nederland gevestigde bv. X werkt dan als steward op een zeeschip dat vaart onder de vlag van de Bahama’s. Het schip ligt in die periode als een platform boven het Duitse deel van het continentale ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.