V-N 2025/19.12
Terugwerkende kracht reparatiewetgeving verhuurderheffing 2020 volgens A-G niet onrechtmatig
HR (Parket) 07-03-2025, ECLI:NL:PHR:2025:289, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
7 maart 2025
- Zaaknummer
24/03381
- Conclusie
A-G Wattel
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD8628:1
- Vakgebied(en)
Verhuurderheffing (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2025:289, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 07‑03‑2025
- Wetingang
art. 1.6a Wet maatregelen woningmarkt 2014 II
Essentie
Advocaat-generaal Wattel concludeert dat (de terugwerkende kracht van) art. 1.6a Wmw de gerechtvaardigde verwachtingen van mede-eigenaren niet heeft aangetast. Het was voor mede-eigenaren tijdig duidelijk op welke wijze zij in 2020 in de heffing betrokken zouden worden.
Samenvatting
Stichting X is in 2020 enig-eigenaar van 8296 sociale huurwoningen en mede-eigenaar van 25 van dergelijke woningen. X is het niet eens met de verhuurderheffing 2020. Zij is het namelijk niet eens met de terugwerkende kracht uit de reparatiewetgeving (art. 1.6a Wmw) die is ingevoerd naar aanleiding van het arrest HR 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:846, V-N ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.