V-N 2020/50.11
Geen andere afloop bij schending van recht op inzage in stukken
HR 02-10-2020, ECLI:NL:HR:2020:1544, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 oktober 2020
- Magistraten
Koopman, Van Hilten, Punt, Van Kalmthout, Faase
- Zaaknummer
18/03521
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS234163:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
Douane (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:1544, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑10‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑10‑2020
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de douane-expediteur ten aanzien van één opdrachtgever niet aansprakelijk kan worden gesteld voor zover de douaneschulden eerder zijn ontstaan dan drie jaren voordat de uitnodigingen tot betaling werden uitgereikt. Die betreffende uitnodigingen tot betaling worden daarom alsnog vernietigd.
Samenvatting
X bv is douane-expediteur en doet namens twee Zweedse opdrachtgevers C ab en A Ltd. douane-aangiften voor textiel en schoenen uit het Verre Oosten. Een deel van de goederen is afkomstig uit Bangladesh, waarop het preferentiële 0%-tarief van toepassing is. Na onderzoek stelt de inspecteur dat de goederen afkomstig zijn uit China en ook ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.