NJB 2025/2529
Schadebegroting. Bruto- en netto-opbrengst. Hoge Raad: Het hof is kennelijk ervan uitgegaan dat het door het hof genoemde bedrag de netto-opbrengst en niet de brutoopbrengst van het door het hof bedoelde project vormt. Zonder nadere motivering valt niet in te zien op grond waarvan het hof tot dit oordeel is gekomen.
HR 17-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1566
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
24/04013
- Conclusie
A-G mr. W.L. Valk
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1566, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:943, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 05‑09‑2025
- Wetingang
(art. 6:97 BW)
Essentie
Schadebegroting. Bruto- en netto-opbrengst. Hoge Raad: Het hof is kennelijk ervan uitgegaan dat het door het hof genoemde bedrag de netto-opbrengst en niet de brutoopbrengst van het door het hof bedoelde project vormt. Zonder nadere motivering valt niet in te zien op grond waarvan het hof tot dit oordeel is gekomen.
Partij(en)
A, adv. mr. R.T. Wiegerink, vs. B, niet verschenen.
Uitspraak
Feiten en procesverloop
A en B hebben een intentie tot samenwerking uitgesproken.
In dit geding vordert A verklaringen voor recht dat een overeenkomst tot stand is gekomen, dat B toerekenbaar is tekortgeschoten en dat B ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.