BNB 2011/196
Staat de Zesde richtlijn integratieheffing toe over de waarde van eigen grond? Prejudiciële vragen
HR 13-05-2011, ECLI:NL:HR:2011:BM6699, m.nt. D.B. Bijl
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 mei 2011
- Magistraten
Mrs. D.G. van Vliet, A.R. Leemreis, E.N. Punt, J.A.C.A. Overgaauw, M.A. Fierstra
- Zaaknummer
09/03108
- Noot
D.B. Bijl
- LJN
BM6699
- JCDI
JCDI:ADS172542:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2011:BM6699, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑05‑2011
- Wetingang
Art. 3, eerste lid, onderdeel h, en art. 8, derde lid, Wet OB 1968; art. 5, vijfde lid en zevende lid, onderdeel a, en art. 11, letter A, eerste lid, onderdeel b, Zesde richtlijn
Essentie
Staat de Zesde richtlijn integratieheffing toe over de waarde van eigen grond? Prejudiciële vragen
Samenvatting
Belanghebbende, ondernemer, verhuurde jarenlang als eigenaar een aantal grasvelden met vrijstelling van omzetbelasting aan sportverenigingen. Deze grasvelden zijn vervangen door velden van kunstgras en van asfalt, die in opdracht van belanghebbende zijn aangelegd door derden (aannemers). De omzetbelasting die ter zake daarvan in rekening is gebracht heeft belanghebbende niet onmiddellijk in aftrek gebracht. Na de oplevering daarvan verhuurt belanghebbende ook de nieuwe velden met vrijstelling van omzetbelasting, aan dezelfde sportverenigingen die eerder de grasvelden huurden.
De Inspecteur is van oordeel dat de ingebruikneming ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.