RBP 2014/70
Bijstand tolk. Heeft degene die betrokken wordt in een procedure die ertoe kan leiden dat hij op grond van de Wet Bopz onvrijwillig van zijn vrijheid wordt beroofd, recht op kosteloze bijstand van een tolk?
HR 20-06-2014, ECLI:NL:HR:2014:1495
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 juni 2014
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, C.E. Drion, G. Snijders, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek
- Zaaknummer
14/01163
- Conclusie
A-G mr. F.F. Langemeijer
- JCDI
JCDI:ADS918903:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:1495, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑06‑2014
ECLI:NL:PHR:2014:577, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 11‑04‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 05‑03‑2014
- Wetingang
Essentie
Bijstand tolk. Eerlijk proces.
Heeft degene die betrokken wordt in een procedure die ertoe kan leiden dat hij op grond van de Wet Bopz onvrijwillig van zijn vrijheid wordt beroofd, recht op kosteloze bijstand van een tolk?
Samenvatting
De officier van justitie heeft aan de rechtbank een voorlopige machtiging verzocht om betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis te doen opnemen en verblijven op grond van de Wet Bopz. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de betrokkene verzocht om de bijstand van een tolk. De rechtbank heeft de zaak na de mondelinge behandeling aangehouden en nog verschillende stukken ontvangen, waaronder politiemutaties. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.