NJ 1942/198
Vordering loon en omzetprovisie door directeur fabriek, terwijl geen omzet is gemaakt, omdat de eigenaar (werkgever) zijn fabriek heeft overgedaan. Goede trouw en billijkheid. Geen geval van art. 1639 x B. W. „Gemiddeld loon" van art, 1638 c vijfde lid.
HR 31-10-1941, ECLI:NL:HR:1941:194
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
31 oktober 1941
- Magistraten
Mrs. van Loon, Fick, Nypels, van der Meulen en Smits.
- Zaaknummer
[31101941/NJ_1942-198]
- Conclusie
Mr. Berger
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1941:194, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑10‑1941
- Wetingang
(BW art. 1296, 1374, 1638d, 1638z, 1639x.)
Essentie
Vordering loon en omzetprovisie door directeur fabriek, terwijl geen omzet is gemaakt, omdat de eigenaar (werkgever) zijn fabriek heeft overgedaan. Goede trouw en billijkheid. Geen geval van art. 1639 x B. W. „Gemiddeld loon" van art, 1638 c vijfde lid.
Samenvatting
Ten onrechte achtte de Rechtb. hier van toepassing de regel van art. 1638 c vijfde lid B. W. omtrent het gemiddeld loon. Het onderhavige probleem is hetzelfde als wanneer, ondanks het ophouden van den omzet, nog wèl gebruik is gemaakt van den bedongen arbeid van den werknemer.
Nu ten deze niet is ingesteld eene vordering tot ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.