Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes
Einde inhoudsopgave
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/13.4.2:13.4.2 Beoordeling
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/13.4.2
13.4.2 Beoordeling
Documentgegevens:
mr. L.S.A. Trapman, datum 19-02-2024
- Datum
19-02-2024
- Auteur
mr. L.S.A. Trapman
- JCDI
JCDI:ADS947883:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een precieze balans tussen enerzijds het belang van transparantie en anderzijds de privacy van donateurs en het beperken van administratieve lasten voor partijen is moeilijk in een geldbedrag uit te drukken. Tot op zekere hoogte is ieder drempelbedrag arbitrair, zo erkende ook de Commissie-Veling in haar eindrapport.1 In ieder geval geldt dat hoe hoger het drempelbedrag is, des te makkelijker donaties belangenverstrengeling in de hand kunnen werken. Ook kleinere bedragen zijn relevant voor de oordeelsvorming van de kiezer. Ook zij in herinnering geroepen dat de Nederlandse drempel van € 4.500 relatief hoog was in vergelijking met de drempels van andere (westerse) landen. De verlaging van deze grens naar € 1.000 is in dat opzicht een welkome ontwikkeling. Daarbij valt overigens op dat de wetgever dus voor een lager bedrag koos dan de Commissie-Veling, die immers een ondergrens van € 2.500 voorstelde.
Weliswaar is inderdaad iedere grens tot op zekere hoogte arbitrair, maar uit deze verlaging spreekt een principieel andere afweging tussen de bij het drempelbedrag betrokken belangen dan bij de totstandkoming van de Wfpp 2013 het geval was. Zo komt aan het beperkt houden van de administratieve lasten van partijen met het verlagen van de openbaarmakingsdrempel substantieel minder gewicht toe dan voorheen. Dat is allerminst bezwaarlijk, nu dit voornamelijk een factor van praktische aard is, die in verhouding tot het principiële belang van transparantie weinig gewicht in de schaal dient te leggen. Ook wordt, met het verlagen van het bedrag naar € 1.000, aan de privacy van de donateurs minder waarde gehecht: bij iedere donatie van meer dan € 1.000 worden naam en woonplaats van de donateur openbaar. Daarbij komt de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming in beeld, die de verwerking van bijzondere persoonsgegevens, waaronder gegevens omtrent iemands politieke gezindheid, in beginsel verbiedt.2 Uit een gift aan een politieke partij kan doorgaans de politieke opvatting van de donateur worden afgeleid, omdat de donatie er blijk van geeft dat de donateur met de betreffende partij sympathiseert. Het verwerkingsverbod lijdt echter uitzondering indien de verwerking noodzakelijk is ‘om redenen van zwaarwegend belang’, 3waartoe het voorkomen van (een schijn van) corruptie en belangenverstrengeling en daarmee het bevorderen van een vrij en eerlijk verkiezingsverloop absoluut gerekend kan worden.
Tot slot kan men zich afvragen of deze verlaging ertoe zal leiden dat minder mensen zullen doneren. Wellicht willen sommige donateurs niet dat openbaar wordt met welke partij zij sympathiseren. Daarmee zou de verlaging niet alleen het recht op privacy van de donateur beperken, maar ook een chilling effect kunnen hebben op zijn vrijheid van meningsuiting. 4Als dat het geval is, dan is deze beperking lastiger te rechtvaardigen dan de beperking van het privacyrecht, nu het niet de bedoeling is van transparantie om donateurs van het verstrekken van giften te weerhouden. Bij dit alles geldt echter dat de praktische consequenties van de verlaging zich lastig laten onderzoeken.