AB 2014/82
Bewijsvoeringslast. Feiten dienen voldoende concreet, objectief en verifieerbaar te zijn. Lastige bewijspositie niet van invloed op verplichtingen ex art. 3:2 Awb.
RvS 21-08-2013, ECLI:NL:RVS:2013:792, m.nt. F.R. Vermeer
- Instantie
Raad van State
- Datum
21 augustus 2013
- Magistraten
Mrs. C.J. Borman, J. Hoekstra, R.J.J.M. Pans
- Zaaknummer
201205006/1/A3
- Noot
F.R. Vermeer
- JCDI
JCDI:ADS917061:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2013:792, Uitspraak, Raad van State, 21‑08‑2013
- Wetingang
Art. 3:2, 8:12, 8:29 leden 3 en 5 Awb
Essentie
Bewijsvoeringslast. Intrekking exploitatievergunning dient gebaseerd te zijn op feiten die voldoende concreet, objectief en verifieerbaar zijn. Lastige bewijspositie voor bestuursorgaan laat diens uit art. 3:2 Awb voortvloeiende verplichtingen onverlet.
Samenvatting
Bij de intrekking van een exploitatievergunning is het aan de burgemeester om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor de uitoefening van zijn bevoegdheid tot intrekking is voldaan. De burgemeester dient hiervoor de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen te vergaren. De last om voldoende feiten te stellen en waar nodig te bewijzen ligt bij de burgemeester. De feiten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.