Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/2.5.3
2.5.3 Art. 31d WOR
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS392001:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
De Wet Harrewijn sluit hiermee aan bij een aantal andere maatregelen op het gebied van topbeloningen, zoals: de Wet openbaarmaking van de bezoldiging en het aandelenbezit van bestuurders en commissarissen en de Wet publieke topinkomens.
Kamerstukken 11, 2001-2002, 28163 nr. 3, p. 3.
Met de term afspraken in art. 31d WDR is bedoeld de regeling een zo ruim mogelijke strekking te geven. Het heeft ook betrekking op hetgeen feitelijk ten uitvoer wordt gebracht. Kantonrechter Tiel 15 juli 2009, JOR 2009/283, JAR 2009/212, ROR 2009/40, (de Unie). Zie over deze uitspraak ook: L.C.J. Sprengers, ‘Annotatie bij Ktr. Tiel 15 juli 2009, LJN BJ4325, JAR 2009/212' TRA 2009, 90.
Kamerstukken 11, 2001-2002, 28163 nr. 2, p. 1. Tussentijds heeft de tekst ook nog geluid: “per bestuurder”, Kamerstukken II, 28163 nr. 4, p. 1.
Zie ook: M.C.T. Burgers, ‘Wet Harrewijn; (hoe) werkt het in de praktijk?', ArbeidsRecht 2008, 20.
Vgl. K. Huibregtse, ‘Heeft de Wet Harrewijn wel invloed op topinkomens?’, V&O 2007-7/8 p. 143145; M.C.T. Burgers, ‘Wet Harrewijn; (hoe) werkt het in de praktijk?’, ArbeidsRecht 2008, 20. Ook wordt in de literatuur sterk betwijfeld of de Wet Harrewijn daadwerkelijk invloed heeft op het tegengaan van excessieve beloningen. Zie onder meer: P.A.M. Witteveen, ‘Kroniek medezeggenschap 2006’, in: M. Holtzer, A.F.J.A. Leijten, D.J. Oranje, Geschriften vanwege de Vereniging Corporate Litigation 2004-2005, Deventer: Kluwer 2007, p. 68.
M. Holtzer, ‘or moet terughoudend blijven bij topinkomens’, FD 9 augustus 2006, p. 7.
Per 1 september 2006 heeft de or op basis van art. 31d WOR een informatierecht over de bezoldiging van bestuurders. De achtergrond van deze wetswijziging – ook wel de Wet Harrewijn genoemd – is tweeledig. Enerzijds beoogden de initiatiefnemers van het wetsvoorstel de werknemersvertegenwoordigers inzicht te verschaffen in de inkomstenontwikkeling binnen hun onderneming; anderzijds wilden zij de stijging van topinkomens door middel van transparantie tegengaan.1 De openbaarheid van de inkomensontwikkeling moet volgens de indieners van het initiatiefwetsvoorstel niet alleen in het vennootschapsrecht, maar ook in de WOR geregeld worden.2 Art. 31d WOR voorziet in een informatierecht ten aanzien van de hoogte en de inhoud van arbeidsvoorwaardelijke regelingen per functiegroep.3 In lid 2 is een specifieke regeling opgenomen voor het bestuur dat de rechtspersoon vertegenwoordigt en voor het toezichthoudende orgaan. Deze afzonderlijke regeling is noodzakelijk nu het bestuur in het algemeen niet onder de in de onderneming werkzame personen valt en de leden van het toezichthoudende orgaan geen arbeidsovereenkomst met de onderneming hebben. Door aan te sluiten bij ‘het bestuur dat de rechtspersoon vertegenwoordigt’ is gekozen voor een ander begrip bestuurder dan in art. 30 WOR. Aanvankelijk sprak art. 31d WOR over de bestuurder in de zin van art. 1 lid 1 sub e WOR, maar dit is later gewijzigd.4 De parlementaire geschiedenis geeft geen motivering voor deze wijziging, maar hiermee kan mijns inziens niets anders worden bedoeld dan dat moet worden aangesloten bij het bestuur in de zin van art. 2:130/240 BW.5 Het informatierecht van art. 31d WOR is beperkt tot groepen van meer dan vijf personen (art. 31d lid 4 WOR). Het informatierecht ziet onder meer op het salaris, de bonussen, het pensioen, scholing en ontslagvergoedingen van bestuurders en commissarissen.
De vraag is of de or via de Wet Harrewijn daadwerkelijk invloed kan uitoefenen op de hoogte van de beloning. De or ontvangt informatie, maar art. 31d WOR voorziet niet in een dialoog tussen AV(A) en or.6 Holtzer wijst erop dat de informatie verkregen op grond van art. 31d WOR gebruikt kan worden als een wapen bij de uitoefening van advies- en instemmingsbevoegdheden.7 Zo zou de informatie over de beloning van bestuurders kunnen worden meegenomen in het advies dat de or ex art. 30 WOR uitoefent bij de benoeming van een nieuwe bestuurder.