RI 2020/87
Maakt pandhouder zich exclusief inningsbevoegd door verpanding van vordering te bespreken in een overleg?
Hof Den Haag 02-06-2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:1002
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
2 juni 2020
- Magistraten
Mrs. G.C. de Heer, J.W. Frieling, M.T. Nijhuis
- Zaaknummer
200.265.223/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS237660:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2020:1002, Uitspraak, Hof Den Haag, 02‑06‑2020
- Wetingang
Art. 3:246 BW; art. 42 Fw
Essentie
Is het bespreken van de verpanding van een vordering met de debiteur, voldoende voor openbaarmaking van een stil pandrecht?
Levert afboeking van de verkoopopbrengst door de hypotheekhouder op de privéschuld van een bestuurder van gefailleerde benadeling van schuldeisers op?
Samenvatting
In deze zaak gaat het om een financiering die door de bank is verstrekt aan een beheermaatschappij. De beheermaatschappij heeft ten gunste van de bank zekerheden gevestigd. De middellijk bestuurder heeft zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor terugbetaling van de financiering. Bij de rechtbank (die uitspraak is niet gepubliceerd) en het hof stonden twee vragen centraal. De eerste vraag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.